Een jaar is sneller voorbij naarmate een mens ouder wordt. De tijd lijkt te vliegen en het toont des te meer aan dat het relatief is en niet absoluut. Zo vergaat het ook met omstandigheden, die kunnen zeer snel veranderen, zelfs omslaan naar iets totaal anders. Mijn jaar begon al met het vooruitzicht om weer op mezelf te wonen en niet meer in het ziekenhuis hoeven zijn. Of ik werkelijk beter ben zal altijd een vraag blijven, maar dat ik veranderd ben staat als een paal boven water.
Het moment dat er geslapen werd in een eigen omgeving, zonder anderen erbij, was vreemd. De eerste keren wakker worden, hadden een surrealistisch karakter. De angst voor de verpleging zat er nog goed in, al hebben ze mij nooit fysiek gekwetst, een nette omgang met zieke mensen hadden ze niet bepaald. Ze waren beleefd, maar deden vooral meer schade dan goed. Dat moet er uitslijten en duurt vrij lang.
Ook tijdens het verblijf in het ziekenhuis zelf (twee jaar, acht maanden en twaalf dagen in totaal) heb ik ervaringen gehad die er niet om logen. De afdeling waar ik geholpen werd, had een behoorlijke verscheidenheid aan mensen en dus ook ziekten. Ik leerde mensen kennen die psychoses hadden, leerde echte sadisten kennen en kon aan de levende lijve ondervinden dat een ziekenhuis tegenwoordig helaas ook misbruikt wordt door andere instellingen zoals gevangenissen. Mensen die hun straf niet helemaal hadden uitgezeten, werden naar daar gebracht. Soms heel gevaarlijke mensen.
De grootste les die ik heb geleerd daar was wel het feit dat er meer mensen ziek buiten lopen, dan er binnen geholpen worden. Wat me daarbij vooral opviel was dat de druk van het alledaagse leven zo enorm is toegenomen voor de meeste mensen dat ze op randje leven van zot worden of goed houden. Dat is een heel gevaarlijk randje, want dat betekent dat veel mensen met de knip van een vinger ziek worden.
Een andere, minder grote doch niet minder belangrijke les was angstig zijn en de uitwassen daarvan. Toen ik opgenomen werd was ik snel bang en dat terroriseerde mijn hoofd en wezen. Die angst is er nog steeds, maar het is nu te kanaliseren. Met zoiets om kunnen gaan is een duidelijke vooruitgang, want op die manier is het leven een stuk zorgelozer, dus fijner. Wanneer er gemerkt wordt dat er een angstgevoel aan het ontwikkelen is, doe ik oefeningen die ontspannen. Waar die geleerd zijn, komt straks nog.
Het schilderen heeft ook drastische wending genomen en niet voor het beste, vind ik zelf. De nadruk ligt weer op graffiti en ook al zijn er echt mooie werken gemaakt in het afgelopen jaar, het is niet de richting waar het heen moet gaan. Kunst is net zoals een dwars kind en doet wat het zelf wil. Je zou kunnen zeggen dat gezien mijn karakter dat precies het goede ding is om te doen, gezien de wispelturigheid. Ik glimlach bij het herlezen van die zin en denk terug naar al het plezier wat er aan beleefd wordt.
Het meest opvallende is dat het karakter van de werken verandert met het al dan niet innemen van parafernalia. Bij softdrugs is er de drang naar realisme, met alcohol eerder naar abstractie en directe expressie. De laatste is minder subtiel en trouwens meer slopend voor de geest. Het zal altijd wel een belangrijk onderdeel van mijn leven blijven en dient met een scherp oog in de gaten gehouden te worden, omdat het bij mij snel teveel is en dat is niet goed. Dan komt er of een overdreven terughoudend gedrag naar voren of, zoals met alcohol, een waanzin, een furie die geen grenzen kent.
In de loop van het jaar is er begonnen met toch wel het meest significante voor mijn ganse toekomst en verleden. Door een pijn in mijn rug ben terechtgekomen bij een fysiotherapeute met wonderbaarlijke gaven. Vanaf de eerste behandeling ging het bergopwaarts met me en ontdekte ik dat een groot deel van de drukte in het hoofd veroorzaakt wordt door de verkrampte spieren, zenuw banen en pezen. Ze zei bij de aanvang van de behandelingen dat ze liever had dat ik zo behandeld zou worden vanaf mijn kindertijd, dan had ik nu veel beter geweest. Het had veel ellende voorkomen, beweerde ze en dat geeft te denken, hoor.
Het is nog steeds zo dat bij elke terugkeer van haar praktijk er tranen vloeien, dan huil ik. Verborgen pijnen worden weggehaald, die er al zolang zitten dat ze niet meer gevoeld worden door gewenning. Dat geeft een bizarre ruimte in het hoofd, een rust die ongekend is. Gelukkig woon ik in dit mooie landje, waar ze dergelijke zaken zeer serieus nemen en belang ervan inzien, want wanneer iemand een betere levenskwaliteit kan hebben door simpelweg kinesie te doen, wordt ervoor gezorgd dat dit ook kan gebeuren.
Het houdt niet op met de lessen, ook niet in de liefde. Het heeft lang geduurd voor het besef er was dat eerst het leven op rolletjes moet zijn, vooraleer er stappen op het amoureuze vlak gezet worden. Hoe graag ik ook een lief wil, het zal niet zijn voordat ik helemaal aan de gang ben, zowel professioneel als emotioneel dienen er nog wat obstakels overwonnen te worden. Elke keer wanneer een lief zich aandiende werd het hele leven verstoord en draaide ik door. Niet agressief, maar door juist te snel en teveel te willen. Zoveel energie kunnen vrouwen niet aan bleek wel. Leren doseren, dus.
Veel dates en liefjes zijn er afgelopen jaar de revue gepasseerd, de een nog liever en mooier dan de ander, maar telkens liep het spaak. Karakters die niet klikten, verschillende visies wat betreft relaties, verschil in wijsheid, smaak of zelfs andere wereld beelden. Ieder mens is uniek en bezit schoonheid, maar wat de een goed vindt, hoeft de ander nog niet goed te vinden. Dat heeft voor een hele berg wrevel gezorgd met als apotheose een crash van heb-ik-jou-daar in de herfst. Dat wil ik niet meer en zal er ook alles aan doen dat zoiets niet meer gebeurt. Maar ja, ik weet zo hard zeker dat het voelen en kunnen geven van liefde mij altijd iets te enthousiast maakt. Dat was vroeger zo, dat zal in toekomst ook wel zo zijn. Het is dat doseren wat het moeilijk gaat maken.
Het is een emotionele achtbaan geweest afgelopen jaar en ik verwacht dat het in het komende jaar niet veel anders zal zijn. De kunst zal me daarbij gaan helpen, want zonder dat kan ik niet leven. Eindelijk terug aan het werk, weliswaar parttime en niet gelijk op de meest gecompliceerde banen, maar dat is niet erg. Het zijn baby-stapjes die genomen worden. Op het gemak, want de ziel is nog te broos voor een stressvol bestaan. En misschien wil ik dat wel helemaal niet en kies ik voor een weg die de geest de ruimte geeft voor ontwikkeling en stabilisering.
Voornemens heb ik niet voor het komende jaar, die komen toch nooit uit en zijn vaak te moeilijk om na te leven. Verwachtingen heb ik wel, al zijn het er maar een paar. Een leuke baan, mooie uitdagingen met het schilderen, het intensief onderhouden van mijn vriendschappen en familiebanden en een keertje op vakantie. Dat lijkt heel sober, maar voor deze jongen is dat al meer dan genoeg. Wat voortgezet wordt is de behandeling bij de fysiotherapeute. Nog nooit heb ik zoveel baat gehad en nog nooit heb ik momenten van absolute rust meegemaakt. Ja, genieten van dat soort dingen is wat ik dan als voornemen stel. Die lijkt me haalbaar.
Hopelijk zullen de lessen milder van aard zijn, maar gezien mijn wispelturigheid en karakter, zit dat er niet in. Och, de aard van het beestje is niet zo kwaad als dat het lijkt en er valt prima mee te leven. Komen wat er komen gaat en beleven wat er te beleven valt. Voor de volle honderd procent.
Maternitus.















