Maternitus

Calamus est gladius vitrioli incaustum.

Nukken en grillen

Momenteel ben ik op zoek naar een richting, iets waar ik mezelf goed in kan vinden. Om te schilderen, uiteraard, al het andere heeft een volwassen, niet bepaald dom, individu toch nooit in de hand. Dat zijn veelal externe factoren, maar misschien is dat voor een andere stukje. Terug naar het schilderen en de gedachten erover…

Vorig jaar begonnen bloemen mij steeds vaker te interesseren als onderwerp en tijdens die zoektocht kwam ik veel mooi beeldmateriaal tegen. Prachtige foto’s van dieren, bijvoorbeeld, en dan met name macro-opnames van insecten en spinnen. Die moeilijk zichtbare wereld geeft, bij extreem goed kijken, een schoonheid weer die je maar zelden alledag ziet.

Kleuren, waarvan ik dacht dat die niet konden bestaan in de natuur, komen gewoon voorbij of het niets is. Vormen en patronen die onwerkelijk en buitenaards aandoen. Het fascineert dermate, dat het eens ontdekt dient te worden. Door het zo groot uit te werken, is het mogelijk eens in te beelden hoe de natuur vanuit een ander, meer bedreigend, perspectief te zien.

Niet als toon van agressie, maar om, een heel klein beetje, een mens te doen voelen zoals die dieren dat doen bij het aanschouwen van iets wonderschoon doch veelal uit op jou of mij als prooi. Aan de andere kant is er de wil om die schoonheid niet zomaar in het klein als plaatje te bewonderen, maar om het echt te beleven, de schoonheid van die dieren te ondergaan. Net zoals liefde. Dat moet je ook gewoon ondergaan.

Enfin.

Een andere zoektocht vond ik niet zo heel erg plezant. Die van de wereld van de comics. Sommige figuren lukte echt goed, maar de meesten trokken op niets. Het leek wel of er geen passie ingelegd kon worden, een soort van emotionele drempel, die zich aandient als afkeer van het volledig houden ervan. Alsof het het hart niet genoeg dient, alsof het een tekortkoming is of heeft.

Technisch gingen ze veelal zeer prima, maar het was echter net alsof er een link miste. Dat is dus niet acceptabel en het begon wat te frustreren, zo erg dat er welhaast geen metaforen voor te maken zijn, laat staan een graad van vergelijking. In principe gaat het om empathie voor het onderwerp.

Vorig jaar was het meer een fysische link, terwijl het nu dus zuiver geestelijk blijkt te zijn. Bijna filosofisch, al is het geen echte liefde voor het weten, maar eerder een liefde voor het ondergaan zelf. Een soort van volle overgave, zoals dat hoort met alles wat je graag hebt of ziet.

De natuur is net als de liefde, vol met schoonheid, maar ook een berg nukken en grillen.

Potverdrie.

Maternitus.

posted by Maternitus in Alchemyst,De dromenjager,Gedachten,Schilderen and have No Comments

Pensioen

Over twee weken is er een jam ter ere van mijn verjaardag. Alleen genodigden mogen schilderen, de rest mag kijken of thuisblijven. Wel een kleine notitie: het gaat mijn laatste jam zijn. Na lang beraad en de graffiti-wereld zien afglijden naar een parodie van zichzelf, de overvloed van toys, het steeds maar moeten schrapen om aan verf te komen, geen kicks of bubbels in de buik krijgen van een piece en het achterwege blijven van betaalde opdrachten, ben ik genoodzaakt om met pensioen te gaan.

Dat gaat mij zeer aan het hart.

De canvassen, het schrijven en sinds kort fotografie gaan voorrang krijgen. Door ruimte te maken in al die creatieve uitlatingen, denk ik weer wat passie te krijgen voor mijn werk. Plus het is een heel stuk betaalbaarder, want met canvassen levert het veelal meer op, dus kan het zichzelf bekostigen. Ook denk ik dat het fysiek steeds zwaarder wordt: tien kilometer fietsen voor vijf minuten werk, dat loont niet. Dat loont niets, behalve pijn en slecht slapen. Ik word ouder en zal concessies moeten doen.

Ik moet heel eerlijk zeggen dat het reten-gezellig is bij bombings en jams, maar het is niet meer zoals ik het vroeger voelde. Niks. Er is bijvoorbeeld wel een rush, maar die is eerder door de inspanning dan door de kick die eruit voort zou moeten vloeien. Graffiti bepaalt echt al heel lang mijn leven, voor wat het is en ik heb er zeer veel liefde ingestoken, maar de relatie ermee begint steeds verder achteruit te lopen.

Maar wat me het meeste tegensteekt is dat de afgelopen jaren het gezeik rond graffiti zo enorm begon te worden en het maken van mooie dingen steeds verder naar de achtergrond ging. Ik heb nog nooit zo’n invasie van waanzinnig slechte toys gezien. Nog nooit en ik draai al 28 jaar mee. Daar valt voor te spreken, natuurlijk, want al die ervaring, al die verhalen, al die mensen die ik op weg heb geholpen in die wereld, ja, dat bestaat dan ook niet meer. Die mensen nog wel, maar hun wortels niet.

Graffiti wordt doodgemaakt door commercie. Graffiti wordt kapot gereguleerd. Het is een schande dat die dingen gebeuren, maar het is feit van onze wereld. We laten steeds vaker dit soort dingen toe, hetgeen ons steeds meer een slaaf maakt van mensen die wij niet eens kunnen zien of kennen. De graphers die zich nu king gaan noemen, noemen zichzelf street-artist. Snijdt u een stencil en je bent al halverwege. Dat zijn geen pieces. Dat is geen werken. Dat is niet hardcore.

Eerst wilde ik nog deze zomer eens een flinke bezem door al die toys halen, maar weet je, laat ze elkaar maar kapotmaken. Vorig jaar heb ik daar veel teveel stress door gekregen en flink geld door verloren. Dat ga ik niet nog een keer doen, ze mogen het hebben, hun kleine kut werkjes waar nog niet eens liefde uit blijkt. Het is zo’n massacultuur geworden dat kwaliteit en schoonheid worden bepaald door bekrompenheid, domheid en asociaal zijn.

Dat soort lui kunnen van mij de kanker krijgen. (Wat aardig zal lukken, hoor, met de oplosmiddelen en drijfgassen)

Overheidsinstellingen beginnen zowaar effectief te worden met hun graffiti-jeugd-diensten. Leer die kleine gasten een spuitbus vasthouden, maar vergeet erbij te zeggen dat er ook nog zoiets is als echte kunst. Dwazen. Het loont niet meer om iets moois te maken, het geeft geen genoegen om een uur nadat je klaar bent met een werk, wat tien uur en massa’s geld kostte, te ontdekken dat iemand het weer niet kon laten. Dat is niet respectvol en ik wijt dat volledig aan die instellingen en de ouders van tegenwoordig.

Nog één jam. Nog één keer veel moeite doen voor amper iets van gevoel. Het einde van een relatie lijkt er al te zeer op.

Een nieuwe tijd breekt aan. En daar ga ik voor.

Maternitus.

posted by Maternitus in Alchemyst,Gedachten,Schilderen and have No Comments

Illegaal

Een discussie kun je het niet noemen, maar gesproken wordt er wel over in mijn kringen: legaal, illegaal, opdrachten, wat is nu oké, wat kan absoluut niet. Het is nu tot een punt gekomen waarop ik de koe eens goed bij de horens vat en mijn idee neerschrijf. Graffiti heeft niet zomaar mijn leven veranderd, het bepaalt alles wat ik doe, hoe ik denk over de wereld om mij heen en welke mensen er fijn zijn om mee om te gaan en welke niet. Als graffiti een studie zou zijn in de hogere wetenschappen, een soort van totaal fusie tussen psychologie, sociologie, beeldende kunst en filosofie, dan zou ik allang een professor zijn geworden. Een wetenschapper zoals ze horen te zijn. Ahem.

Zoals je afgelopen jaren hebt kunnen volgen op deze internetsite, is er een constant conflict tussen het legale en illegale aspect van graffiti. Niet vanuit mijzelf, maar vooral vanuit het justitiële onderdeel van deze maatschappij. Nu valt graffiti niet onder wat men misdaden noemt en tegelijk wordt het ook niet als kunst gezien. Wat er helaas wel aan het gebeuren is dat door het insluiten van het fenomeen in zogenoemde gedoogzones er steeds meer wat aangerommeld wordt en dit dan gezien wordt als kunst. Er zijn zeker te weten zeer getalenteerde schilders aan de gang in dat circuit en ik moedig hen ook altijd aan, want talent dien je te koesteren.

Er zijn ook clowns die denken dat ze goed bezig zijn en vervolgens maar een lage standaard van werk laten zien. Het zijn hen die veelal een fout beeld geven van graffiti naar de buitenwereld. Laatst stond er zo eentje in een lokaal advertentie-krantje en hij durfde te beweren dat illegale graffiti de kunst kapot maakt. Dus als iets legaal is, is het kunst? Het is makkelijk praten wanneer je als papkindje gesponsord wordt door mama en er geen flikker voor hoeft te doen. Dan maakt het geen bal uit of je werk gestreept wordt of niet, de volgende rits spuitbussen staan al klaar. De meeste legale graffiti valt per definitie niet zomaar onder kunst.

Kunst heeft namelijk een maatschappelijke waarde en iets wat door soortgenoten een dag later op hetzelfde niveau overschilderd wordt, heeft dat niet. Dat heet gewoon een ander behang. Dat heet, en deze is nog beter, een voortzetting van knoeierij. Er zijn ook werken die op gedoogde plaatsen worden gemaakt waarvan mijn mond openvalt, zo mooi. Hier in Gent zie je dat amper nog. Maar wanneer zoiets gemaakt is, blijft het welgeteld een dag langer hangen. Dat heet respect hier. Wanneer het dus werkelijk kunstzinnig is, wordt de waarde ervan weggenomen en is het niet meer dan een smurrie wat ervan overblijft. Uit jaloezie gebeurt dat, maar zeker ook uit plaatsgebrek.

Aan alle pap-kindjes der lage landen: stop met jullie onzin en zoek een hobby waarmee je minder rommel maakt. Of zoek een baan en kom erachter wat de waarde is van verf, maar ga zeker niet de wijsneus uithangen alsof je het ganse fenomeen zelf hebt uitgevonden. In onze crew zitten er niet zulke mensen (meer). Die komen er niet in of we hebben ze eruit geschopt. Klaar.

Nu gaan we eens kijken welke waarde illegale graffiti heeft voor onze maatschappij.

Ten eerste is graffiti van alle tijden en is het nog nooit legaal geweest. Toegestaan of in commissie werden het dan muurschilderingen genoemd of fresco’s, afhankelijk van de gebruikte technieken. Maar de mens heeft altijd, willen en wetens, zijn/haar sporen nagelaten op elk mogelijk oppervlak dan ook. Grappige en opvallende regelmaat: hoe illegaler het is, des te meer komt het voor.
Het frappante wil dat in onze huidige maatschappij illegale graffiti vaker bekeken wordt, beoordeeld, veroordeeld, er wordt over gesproken, het maakt mensen aan het lachen, het roept frustraties op of blijkt juist de oplossing of goed idee voor dat geen we niet onder woorden kunnen brengen. Als dat geen definitie is van kunst, dan weet ik het ook niet.

Ten tweede is graffiti niet een kunstrichting of roeping, het is een uiting, een expressie. Wanneer een expressie daags later wordt overschilderd en je maakt je er niet dik over, wel, dan ben je net zo doods en grijs als de meeste mensen die gewoon over zich heen laten lopen. Dan is die legale piece geen kunst, maar net zo vergankelijk als een scheet in het donker. Het heeft totaal geen nut, behalve dat er meegedaan wordt aan iets wat welhaast een mode lijkt, maar het niet is. De commerce er rond doet dat wel lijken, maar het is een vorm van tijdverdrijf, zonder enig echt gefundeerde motivatie. Net zoals bijvoorbeeld een hamburger of mp3-speler gekocht of gebruikt wordt: is ‘ie op, gooien we het weg en kopen we wel weer een nieuwe. Dat is geen kunst, dat is het in stand houden van de economie.

Wanneer iets een echte expressie is, dan cultiveert de kunstenaar zoiets en probeert zijn idee of gevoel te promoten, weer te geven. Dat doe je niet op de schaarse plaatsen waar het toegestaan is en vervolgens overschilderd wordt. Dan zoek je precies die plekken op waarvan de commerce zelf ook gebruik van maakt: alle plaatsen die publiek zijn, alles wat beweegt, overal waar mensen samenkomen en dat delen wat van hen is. Publieke ruimtes zijn nog steeds zo ze heten: van iedereen, voor iedereen en, dit is zo fraai, door iedereen. De schijn bestaat dat dit niet mag en illegaal is, maar wie zegt dat? De mensen die dankzij verkiezingen, lees: democratie, de regels uitvaardigen? Nou, nou, indrukwekkend. Of de mensen die hun salaris van de meesten hun belasting betaald krijgen? Wel, dat is zelfs nog minder indrukwekkend, want bij mijn weten dient een overheid zich altijd nog te verantwoorden voor hun geld en niet halfslachtig via hun/de media achteraf snel even mede te delen.

Even terug naar de illegale graffiti. Bij mijn weten is het de basis van de legale versie. Is het veruit een betere kunstvorm vanwege de maatschappelijke indruk die het achterlaat. Kan het niet zomaar beschimpt worden als iets wat afbreuk doet aan de legale vorm, zeker niet zonder enige kunstzinnige, bestudeerde en onderbouwde reden of argumentatie. Ik denk dat de maatschappij eerder beter af is zonder legale graffiti, dan zonder illegale graffiti. Naast de reguliere vorm (tags, letters, cartoons), zijn er zoveel vormen van illegale graffiti die elk gewoon mens ineens een middel geeft om zichzelf te uiten. Dat doe je niet op een plek waar het, zogezegd, geen kwaad kan. Dat moet opvallen, veel mensen moeten dat zien, beleven, ondergaan. Dat is precies wat illegale graffiti juist eerder tot kunst maakt: het beweegt, vormt en motiveert een maatschappij of samenleving.

Och, het blijft ook nog eens langer bestaan.

Maternitus.

posted by Maternitus in Alchemyst,Gedachten and have No Comments

The 600 Years

The 600 Years from the macula on Vimeo.

Deze video is gemaakt tijdens de viering van het 600 jarig bestaan van de astronomische klok in Praag. De techniek die gebruikt wordt heet “video-mapping” en is geen onbekende voor me. In 2002 tijdens het Internationaal Film Festival in Rotterdam mocht ik voor Off_Corso een dergelijk iets maken, samen met Jasper Springeling en Dirty Brown Visuals. Het zag er niet zo gesofisticeerd uit, technologie was toen nog vrij rudimentair, maar ik weet dat het onnoemelijk veel werk is om te maken.

Trouwens, voor mij is dit vele malen toffer dan graffiti. Het beweegt, er is een betere interactie, meer mogelijkheden en bovenal mooier. Ieder zijn ding en smaak, natuurlijk, maar dat is de mijne. Zie het als een soort van graffiti, maar veel verder ontwikkeld. :-)

posted by Maternitus in Alchemyst and have No Comments

Brutaal?

“Flikker op, eikel! Zie je niet dat ik bezig ben?” Razendsnel vullen de letters en ik kijk de dronkaard aan die me aansprak over het feit dat er weer een bus door de stad gaat rijden met mijn naam erop. Gelukkig spreekt hij Frans, zoals de meesten hier, en klinkt het half Hollandse accent zeer hard. Hij deinst terug, kijkt naar het resultaat en steekt zijn duim op. “Très bien, mais quelle nom?” Ik lach een keer, steek de verf terug in de rugzak en zet het op een lopen. “Lees het zelf maar, rare vent, ik heb haast.”

Bij gebrek aan metro’s moet je wel boven de grond schilderen. Dat is enorm veel risico en ik neem die door vooral op publieke plaatsen te werken. Daar wordt het niet verwacht en eist van mij een stalen discipline, doorzettingsvermogen en dedicatie. Mijn idee van drie-d. Ik ben gestopt met het spuiten op legale plekken, omdat het niets meer geeft. Het is geen kunst om een fotorealisme neer te zetten en vervolgens al die moeite kapot te zien gaan door toys.

Treinen, bussen, trams, metro’s en muren langs de snelweg en het spoor zitten duidelijk in het vizier. Het is me beu om braaf bezig te zijn, conformeren doen de grijze burgers maar. Ik wil snelheid, niks mooie schetsen. Het is oorlog, het moet leven die verf. Mensen moeten het zien wanneer ik dat wil en niet andersom. Dat is graffiti: een taart in het gezicht. Wakker worden!

Ik maak geen foto’s meer van de pieces, laat staan dat ik nog te koop loop met de pseudoniemen. Vrienden van mij zijn gepakt daardoor en kunnen nu jaren afbetalen of zelfs in het gevang verkeren. Het eerste doe ik ook al door een dommigheid. Schrijf nooit in je eigen buurt of straat, het zijn sporen die justitie maar al te graag aanneemt en gebruikt tegen je. Dit stukje zal daar ook een onderdeel van worden, maar ik ken ze en hun kennen mij. Ik doe dit niet om kapot te maken: die naam, die mooie kleuren, dat is de reden.

De stijl verandert door het snelle. Niet eenvoudiger, maar eerder praktisch. Het is toegepaste poëzie: een woord, een naam, een zin, aangepast aan de omgeving. Het breekt het zijn, het roept verbazing op, maakt een mens zijn dag plots anders. Ik wil een mening horen, van vloeken tot bewondering, kom maar op. Het is geen vernieling omdat het van iedereen is, dus ook van mij. En iets wat ik heb, wil ik vormen naar wat ik zelf wil. Egoïsme is het absoluut, maar het is ook een altruïsme, een delen.

Deze man schrijft graffiti en de vraag blijft dat het een schande is of niet. Wie bepaalt dat? Een wetgever, een agent of de mensen die er mee leven? Die laatsten zijn het er in ieder geval mee eens, dat weet ik, dus waarom past diegene die de regels maakt of verzint zich daar niet aan aan?

Maternitus.

posted by Maternitus in Alchemyst,Schilderen and have No Comments

Nog wat foto’s…


Bij het voorbereiden van een opdracht wil het wel eens voor komen dat jullie antiheld wat liefde nodig heeft. En het liefst van een engel. Soort van. Doktertje spelen maakt van die behoefte integraal deel uit.


Winkelpui van “Tops” in de Lange Muntstraat te Gent. Komend weekend wordt het geheel afgewerkt met een kader en de details in de tekening zelf. En de baas van de winkel is heel blij. Wat mij weer verheugd, natuurlijk. (Een foto reeks van de opbouw en de gebeurtenissen er rond volgt komende week)


“Eros” door JerOne op de Interbeton te Gent. Brute spot, zeer gave muren en één van de mooiste halls of fame van Gent. Kings and Invite Only!


“Eros” door JerOne, Characters door Siska. Frisse ontmoeting met iemand wiens blackbook de onze compleet om de oren slaat. Die dame kan echt heel sjiek tekenen. Respect!

posted by Maternitus in Alchemyst,Schilderen and have No Comments

Veel vragen voor een zot

Bedenk eens een wereld zonder kleur of vorm die vanuit een enkeling is ontstaan. Dat alles in massa voor een massa is gemaakt en dat alles wat een individueel experiment of eigen beleving is, strafbaar zou zijn. Dat zelfbeeld voor je gemaakt zou zijn en het idee van normaal opgelegd wordt door een select gezelschap. Deels hypothetisch, deels waar? En wat heeft een dergelijke schemerzone voor invloed op onze beleving van de wereld om ons heen? Welke invloeden oefent het uit op onze omgang met anderen en het niet te ontwijken oordeel over die anderen? Zou een dergelijke visuele programmering na verloop van tijd opvallen zonder spontaniteit als tegenhanger?

Niet bepaald de eerste gedachtegang die plaatsvindt wanneer een viltstift piepend en zoevende over het metaal van een tram schiet. Volgens mij is de nood aan een eigen identiteit, een zelfbevestiging groter naarmate de mate van zelfexpressie meer in banen wordt geleid en zelfs ingeperkt bij het zelf bepalen van de inhoud van dat alles.

Elke beschaving of maatschappij waarbij de geveinsde grandeur van enkelen tot uiting komt in grote, naar mijn idee onzinnige, monumenten kent dergelijke tegenhangers. Van de Maya’s en Egyptenaren tot aan de Aziatische en Anglo-Amerikaanse maatschappijen van tegenwoordig zijn uitingen van onderdrukten, hen die de enkelingen staande houden middels hun massa en (vaak onvrijwillige) opoffering van de eigen identiteit, zichtbaar.

In Pompeii en Egypte zijn uitingen van diverse pluimage terug te vinden, zowel voor als tegen de heersende klasse en uiteraard de artistieke uitingen waarbij de boodschap of verborgen is of niet aanwezig. Welke kunstzinnig is, kan beter in het midden gelaten worden, omdat een dergelijke titularis van een woord of tekening eerder persoonlijk te noemen valt dan algemeen geaccepteerd.

In ons huidig Anglo-Amerikaanse leefklimaat is een vreemd fenomeen aan de hand, vergeleken met soortgelijke heerschappijen. In plaats dat dergelijke uitingen tegen de gevestigde orde en massa alleen worden afgestraft en ontkend, wordt het opgenomen in het idioom en monddood gemaakt middels die massale productie waartegen het in eerste plaats bedoeld was.

Popularisering betekent dus niet zozeer dat een grote groep mensen iets aangenaam gaat/moet vinden, maar dat het voorzien wordt van massa die het ook uitvoert. Waardoor, wederom, een piramidesysteem ontstaat en enkelen de uitverkorenen worden van een grote groep volgelingen.

Waar vandaan komt die, bijna natuurlijke, drang toch die dit veroorzaakt? In tegenstelling tot een hang naar individualisme, lijkt een act van eigen meningsvorming als doelstelling te hebben om massa onder zich te vormen ten einde dat naar een exces te doen leiden onder de noemer van een eigen geest. Zeer doelbewust uitgevoerd en vaak onder leiding van mensen van de top van een andere piramide.

Misschien waren de bouwsels van de Egyptenaren, Maya’s, Thai en andere culturen van over de ganse wereld niet zozeer een verheerlijking van de, al dan niet overleden, heerser, maar een verbeelding van de opbouw van hun maatschappij. In Christelijke en Islamitische culturen zijn die vormen net zo goed terug te vinden in de taps toelopende torens en minaretten. De huidige wolkenkrabbers vormen tevens geen uitzondering.

Met een wat sarcastisch aangelegd karakter kan het behoorlijk lollig zijn, al dolend door de buurten van de stad, denkend aan oude beschavingen en kijkend naar (en actief deelnemend aan) graffiti. Het proberen vinden van een balans tussen wat “publiek” en wat individueel genoemd wordt als zijnde uitingen, is bijna onmogelijk door juist die vage terminologie. Misschien is het zelfs zo dat er geen “publieke” vorm van creativiteit bestaat en dat alleen waar individualisme, dus solitair en zonder aanhang, echte kunst te noemen valt.

Wat is het nut dan van het uiten middels die creativiteit? Een gratificatie van de eigen geest? Waar vandaan komt dan het streven om in een museum te hangen of lezingen te geven over die ideeën? Zou dat het logische gevolg zijn van die masturbatie van het hart? En bij goedvinden de verering van de massa? Of draagt het juist bij aan de veranderingen in die cultuur of samenleving?

Zijn die kleine stemmen, die gedachten die dolgraag buiten het kastje verblijven dan belangrijker als dat we aanvankelijk denken? Dan zijn boekjes met regeltjes of wetten welhaast overbodig, omdat die veranderingen in de diepste kern van ons bestaan tegenwerken, beperken of zelfs de kop indrukken. Dan is er niet zoiets als een universele of algemene regel, want dat is meestal een condensatie van de gedachten van enkelen.

Bij kleine gemeenschappen zie ik precies het tegenovergestelde gebeuren. Daar is het belang van de groep vaak reëler dan van het individu om te overleven en zijn continuering van traditie en cultuurgoed een belangrijk onderdeel daarvan. Binnen een kleine groep is ook niet nodig om op geheel en eigen wijze het bestaan van de eigen geest aan te kondigen. Die is immers bekend.

Is de verheerlijking van het individu een fenomeen wat vooral in grote groepen gebeurt? Kleine gemeenschappen hebben ook vaak een enkeling als leider, maar die zijn veelal gebonden aan religie. Individualisme is dus eigenlijk in elke samenleving een mythe en hoe vaker de uiting daarvan te zien is, des te groter begint de draagkracht van die massa te worden. Dan is het maar net de vraag hoe de top van dat ingebeelde bouwsel ermee omgaat.

Is in dat licht het gestreept en beschadigd zien van mijn mooie (en redelijk geliefde) werken eerder een compliment dan een belediging? Ben ik dan niet mijn doel compleet aan het missen? Of is het niet meer dan een bevestiging van bovenstaande gedachten?

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

posted by Maternitus in Alchemyst,Gedachten and have No Comments

En het gaat maar door


“Mutant Dickhead” door JerOne, 2010, 12 Hours of Hiphop jam te Goes (Nederland)

Om iets te schrijven, is het redelijkerwijs noodzakelijk om een goed onderwerp te hebben. Voor iemand met een soort van hyperactief leven zou dat geen problemen opleveren. Maar. Geen ge-maar, Maternitus. Het spectrum om uit te kiezen is wat te groot en om dan alles tegelijk in een zinnig stuk tekst om te zetten, is iets teveel gevraagd. Anders stelt dat hyperactieve gelijk niets meer voor. Terwijl het juist me helemaal goed doet voelen.

Wat me even wat minder deed voelen, verkleint het scala aan onderwerpen met een flinke factor. Een dikke verkoudheid en wat werken vernield zien met racistische leuzen als “Terug naar Nederland voor jou” is het complete lijstje. De snot-bellen heb ik vast van een goede vriend gekregen, want de rust kon ik wel gebruiken. De leuzen zijn zeker niet van vrienden, want ik kan me niet herinneren dat ik ooit een vriendschappelijke of correcte omgangsvorm had met racisten.

Het valt me wel op dat het kliekje uit het graffiti-milieu komt. Dat is doorgaans een zeer vriendelijke en speelse groep mensen, die wat gezonde competitie niet uit de weg gaan. En dat dan doen middels het laten zien waartoe ze in staat zijn met creatieve uitersten. En geen bekrompen, kinderlijk en vooral leeghoofdig gedrag. Dan vraag ik me af of dat soort uitlatingen geen laatste krampen zijn van een nogmaals stervend lijk.

Trots zijn op je afkomst is helemaal niet verkeerd, mits je zelf ook voor een goede afkomst zorgt voor je eigen nageslacht. Of het nageslacht van je leeftijdgenoten. Dus geen gedrogeerde en verzopen kretologie of politiek van dubieuze klasse. Het behoeft geen intellectueel licht om zoiets te begrijpen. Toch?

Een veel leuker onderwerp, wat net zo min beschaving nodig heeft om te kunnen begrijpen, is mijn weekend in Goes op het festival “12 Hours of Hiphop”. Wat een toffe fuif was dat. Muziek, dans en kunst, samen, voor en door gelijkgezinden. Van al die zaken was er, wisselend van niveau, veel te zien, beleven en doen. Ikzelf deed mee aan de jam die de organisatie zeer goed in elkaar had gestoken. Toffe wand en een verzameling hoog gekwalificeerde kunstenaars.

Dat betekende een extra tandje bijzetten wat resulteerde in veel handen schudden, omhelzen, gekke dansjes en wat al niet meer dat serieuze graffiti kunstenaars doen om elkaar hun waardering en respect te laten blijken. Iets wat ik niet vaak zie in de contreien waar ik woon. Afijn. Dat is zout in de wonde. Niet braaf?

Het afsluitende optreden van Sugar Hill Gang torende hoog uit boven het voorprogramma. Dat was niet alleen omdat deze old-school rap groep professioneel was, maar ook omdat ze iets neerzetten wat me deed denken aan de oude feestjes in Het Beest in Goes. Stilzitten was onmogelijk, een nummer niet kennen evenmin. Als iets minder bekend was, kwam dat veelal door een generatieverschil. Dat loste deze groep zeer goed op door een sfeervolle reis te geven door de geschiedenis van de rap muziek. Niet geheel vertellend, maar vooral muzikaal.

Het totaal pakket was me gans op het lijf geschreven. Oude vrienden ontmoeten, met gelijkgestemden werken en dan een mooie wandeling langs een boulevard van nooit vergane dromen. Zelfs een paar gerealiseerde dromen passeerden.. De terugweg in de bus had geen boek of muziek nodig, met een twinkeling in de ogen en de gedachten bij de avond ervoor was die reis zo voorbij. En wat betreft het eten: het wordt tijd dat er hier een actiegroep komt om een Indonesisch en/of Surinaams restaurant te eisen.

Nu zien de dagen er even hetzelfde uit: ontwerpen voor opdrachten, een goede belettering maken voor, weer al, een dikke burner en natuurlijk het huishouden. Dat moet er zeker sjiek bijliggen, omdat er hooggewaardeerd bezoek komt. En die brandend hete piece? Die zal zeker niet in de Werregarenstraat gedaan worden. Zonde van de verf, tijd en vooral inspanning. Ik ben benieuwd hoelang ik zoiets ga volhouden.

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

PS
Vele manen geleden zag ik eens een sticker van Harley Davidson die een wijsheid bevatte. Dat wijze ga ik, soort van, toepassen…
“If you want to soar with eagles, stop wobbling with turkeys”

posted by Maternitus in Alchemyst,Gedachten,Schilderen and have No Comments

Nestor en de zin van het bestaan

Het uitbrullen van lofgezangen voor om het even welk evenement is net zo tijdelijk als dat de herinnering eraan zal zijn. Nog wat na suizend in de oren neurie ik het laatste lied van de band die even tevoren de laatste noten speelde van een muzikant van generaties geleden. Melancholie zonder verdriet, toen waren tijden beter. Nu is het niet veel anders, zo zal blijken wanneer de grijze haren van de generatie na de mijne dit beamen middels gejuich en het knoeien van gerstenat.

Dat ouder worden de kenmerken van gebreken met zich meedraagt, mag de pret niet drukken en roept nogmaals om een vlaag van ontkenning door te dansen op manieren die zelfs de jeugd zal erkennen als acrobatisch. Nee, mijn beste, geen paaldansen deze keer, laat staan de bewegingen die doen vermoeden dat er een flink voltage door het lijf wordt gejaagd. Voetje naast voetje, het hoofd wat meedeinend op het ritme van de hippie-rock. Een uiterste is snel daar bij het verstrijken der jaren.

Numeriek noemen ze me middelbaar, het gezaag en de quasi-wijsheden worden gezien als dat van hen die nog op beren joegen. Ouder worden heeft zo zijn aardigheden, kan ik je vertellen, maar dat is een overbodigheid, een retoriek zoals ze dat alleen kennen in het land van mosselen en toeristen uit contreien die men vroeger liever niet wenste. Tijden veranderen, mensen niet. De huid verwordt immers tot een dusdanig rimpelige zak die het ook was bij de geboorte.

Al speurend tussen de woorden en wijsheden van andere oude zakken, kwam ik op het idee er maar iets over te schrijven. Niet als klaagzang over verstijfde spieren en geenszins als laatste poging de jonge maagden naar dit kasteel vol kleur en pietluttigheden te lokken. Welnee, terugkijken heeft alleen nut wanneer er niets meer vooruit te zien valt. En dan nog valt er te hopen op een extra jaartje of wat, aannemende dat het bijproduct van aaneengeregen neuronen een eeuwig bestaan is beschoren.

Opvallend aan het statistisch halverwege zijn, is het vergelijkend warenonderzoek dat constant plaatsvindt. Wanneer blijkt dat de numerieke waarde van een medemens die van mezelf niet ver ontloopt, volgt enerzijds een lach en anderzijds een bewust zwijgen. Het is niet netjes om te zeggen dat het proces van opdrogen voor jouw gunstiger uitvalt dan de verzameling uitgezakte kwabben naast je. Hoe ik het ook wend of keer, mij zal hetzelfde lot ten deel vallen. Is het niet middels zwaartekracht en opeenhoping van lichaamsvocht, dan zal het zich vast wel via een sluikse omweg van ziekenhuis bezoeken presenteren.

Het mooiste voordeel is het doorgeven van tradities, gewoonten en vooral kennis. Wat daarbij het meest in het oog springt, is de in de lucht wijzende vinger. Soms vermanend, soms waarschuwend, worden duistere tijden aangekondigd bij een nieuw idee of een perspectief dat niet het mijne is. De kunst van het doorgeven is dat die nieuwigheid gezien wordt als een prematuur gevolg van de lessen die nog komen. Eigen ervaring is nog altijd de beste leermeester.

Inderdaad, het vallen en opstaan dient door te gaan, tot de builen en schrammen niet meer te tellen zijn. Tot men al tanden spuwende, heus waar, inziet dat ook een les verder kan dragen dan het initieel bedoeld was. Waar houdt het op en waar begint het? De eeuwige vraag die dat zal blijven en toegepast wordt op elk fenomeen in dit aardse bestaan.

Wanneer dan een paar ogen vragen om een leidende hand, rest mij niets anders dan deze aan te reiken. Vol lof en overtuiging en hoop dat ze het beter doet dan jij en jouw voorgangers ooit deden. Ik zie het als een ouderschap wat vrijwillig en zonder hulp van de natuur gekozen wordt. Een zaligheid die niet veel mogen ervaren, zeker niet wanneer het om een roeping gaat die van binnen zit. Het aanleren van om het even wat is eenvoudig, het doorgeven van dat wat je zelf met moeite hebt verworven gaat soms tandenknarsend. Een dienblad vol lekkernijen en aantrekkelijkheden wordt leeggegeten alsof er de honger is van een totaal, en bewust, vergeten continent.

Trots als een oude aap met veren in zijn reet vertel ik het aan hen die het wel of niet willen horen. De vordering daar, de overgenomen wijsheid hier, elk detail is een glorieus moment. Maar wat vooral opvalt is de drift om zelf beter te presteren, immers, een meester dient dat ook te blijven. Goed voorbeeld doet goed volgen, de spreekwoorden en gezegden maken hun entree. Bij elke nieuwe grijsheid verschijnt er een andere taalkundige spitsvondigheid uit de kerkers van het voorbije. Samenvattingen die ze ook zo in elk woordenboek terug kan vinden, maar liever uit jouw mond hoort komen. Je rond spattende kwijl verwordt tot wijwater en het liefst met kubieke meters tegelijk opgeslurpt.

Gezonde gretigheid die vroeger de jouwe was, belaagt je vanuit hoeken die lang vergeten zijn. Hoe handig is een geheugen dan? Het komt van pas, maar de vaak opgezochte vergetelheid zorgt ervoor dat de herinneringen als avonturen klinken die menig held siert. Het geeft een idee van waarde en middels het theatrale is er zekerheid dat het wijze blijft hangen in die kluwen niet gesponnen en niet geweven grijze massa. Weer een leidraad gemaakt.

Daar zit precies de gewenste nut waarnaar we ons ganse bestaan naar op zoek zijn. Door een stuk van jezelf, onbaatzuchtig, te geven, zorg je ervoor dat die gift ooit op een dag aan een volgende geschonken wordt. De continue beweging van het bestaan uit zich niet middels een fysieke presentatie, maar door een alsmaar veranderende wijsheid. Aangepast aan de drager, weliswaar en steeds verder vervagend, maar toch.

Zou het een angst zijn om vergeten te worden? Of is het de liefde voor hetgeen doorgegeven wordt? Beiden en niet in gelijke mate. Hoe groter de angst, des te dover het oor. Alleen ware liefde wordt gehoord, in tegenstelling tot dat wat gevreesd wordt. Het is een passie met een drang naar eeuwigheid, de eenzaamheid verborgen onder een kleed van lachbuien en de onoverkomelijke traan.

Wat doorgegeven wordt is een gevoel, een beeld van bestaan, een visie of eigen interpretatie van iets wat toch nooit begrepen wordt. Een talent is de zelfbenoemde goddelijkheid, iets wat arrogant en zeer soepel afgedaan wordt als zijnde de normaalste zaak ter wereld. Geef mij dat verhevene maar: die arrogantie, hoe klein ook, mag er zijn mits ernaar gewerkt wordt.

Wat een oude man en een jonge vrouw dan delen, ontstijgt de liefde voor het vleselijke en laat alle prikkelingen van het aardse achter zich. Het heeft totaal niets van doen met dat wat wordt geacht als zijnde de normale gang der zaken. Wanneer een band als deze ontstaat, kun je het prima aanvoelen. Een oer-instinct, een drang om alles te geven met hetzelfde tempo dat het gevraagd wordt. Wijsheid is het niet. Het is puur de wil om te overleven. Te helpen. Iemand te zijn voor een ander.

Een betekenis voor het eigen bestaan?

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

posted by Maternitus in Alchemyst,Gedachten,Schilderen and have No Comments

Ruimte in de bol


Foto door Pieter Malfliet

Het niet hebben van internet heeft voordelen en nadelen tegelijk, waarbij het grootste voordeel tijdswinst is en het grootste nadeel de onmogelijkheid om te kunnen communiceren. Wat is er belangrijker? Tijd is belangrijk om te kunnen besteden aan schilderen en schrijven, zonder meer, maar het valt me ook op dat het sociale leven weer realistische vormen aanneemt. Zo vaak ik nu buiten kom, iemand opzoek of simpelweg een praatje maak met de winkelier op de hoek, dat was een maand geleden niet.

Maar het directe contact wat je kunt hebben met mensen die ver weg wonen, dat is er bijna niet meer. Zeer spijtig, gezien het feit dat mijn familie in het buitenland woont en veel van mijn vrienden ook. Nu was ik toch al een zeer slechte met het onderhouden middels alle mogelijkheden van het web, maar er is vrij vakkundig een grotere rem op geplaatst. En toch voelt het niet vreemd of raar, zelfs niet om me voor te schamen. Alsof ik dat toch al deed.

Het is een keuze die gemaakt is en een duidelijke boodschap dat niet alles tegelijk kan. Een keuze tussen schilderen of de hele dag naar de inbox turen, tussen lekker op een terras oude verhalen ophalen of half afgemaakte zinnen terug vertalen naar Nederlands. Ruimte versus engte. Doel van geld is ook een reden. Internet zie ik niet als investering, verf en canvas wel.

“Het is toch wel heel handig om je werken te verkopen.” Dat is waar, maar ik heb liever dat mensen het beoogde werk eens komen bekijken, de verhalen erachter horen en een poging tot onderhandelen doen, in plaats van “oh, da’s leuk, kopen”. Dat kunst bestaat uit impulsen en een niet geordende manier van werken heeft, hoeft niet in te houden dat het aanschaffen ervan ook zo moet gebeuren.


JerOne, Haida Masker, Brugge (Entrepot)

Een schilderij is net als een tatoeage. Ondanks dat het makkelijker weg te doen is, blijft het iets wat je koopt, omdat je hart zegt dat het moet. Kunst is decorum, maar zonder een band met het werk, valt het magische weg en is het niet meer dan wat duurder behang. Het is bekend van mij dat ik zulke klanten liever niet heb.

Vandaag begin ik aan een gewaagd project. Het Volkshuis gaat een nieuwe terras-muur krijgen van me (ja, ik betaal alle materiaal zelf) en het thema is “Old School Tattoo”. Helemaal in de stijl van de oude tatoeages wordt de muur voorzien van zeilboten, zwaluwen, bloemen, vaantjes met kalligrafie, een lekkere pin-up en meer fraaie (lichaams-)decoraties die doen denken aan vervlogen tijden. En lekker kitsch.

Het gewaagde zit hem in het feit dat er veel mensen komen daar en de meesten weten veel van kunst, maken het of zijn liefhebbers. Een meer kritisch publiek is haast niet mogelijk en dat vraagt om een tandje bij. Plus een schepje er bovenop. Dat laatste is meer voor het stoer zijn, want, zoals je begrijpt, jullie held zijn pauwenveren belangrijk voor hem. Een beetje ijdelheid?

Op het moment van schrijven zit ik er weer niet bij met het hoofd. Afgelopen nacht sliep ik hartstikke rot en lag me helemaal suf te piekeren. Ik heb geen problemen (al zou een vet budget voor verf wel fijn zijn). In tegendeel, veel gaat van een leien dakje en het lijkt erop dat de lente me een handje helpt hierbij. De focus is wat verhuisd, maar het doel is er niet minder om geworden. Verhulde woorden, een kleine hint voor een goed verstaander.


JerOne met Phase, Justitie gebouw, Gent

Tegen woensdagavond of donderdagmiddag is in ieder geval het werk helemaal af. En dan ga ik tijd nemen voor de canvassen. Zelf bepalen wat er gebeurt en vooral wanneer is een zeer fijn gegeven. Ok, het geeft geen gouden bergen, maar wat heb ik aan goud wanneer ik vrijheid heb? Naast het spelen met verf en chemie, wil ik de symboliek van oude natuurvolken gaan gebruiken als uitgangspunt. Men loopt teveel met Moeder Natuur te fokken en dat is me goed beu.

Schilderen met een boodschap is natuurlijk niet nieuw. Volgens mij begon het als eerste om die berichten, enkele tienduizenden jaren geleden. En, naar mijn mening, werkt een symboliek stukken beter dan pagina’s vol woorden en zinnen. Klein balletje wat ik nu opgooi: de mensheid is weer aan het afzakken naar de vroege middeleeuwen, toen niemand kon lezen en plaatjes nodig had om iets te leren of begrijpen.

Afijn.

Ik ga het lekker niet druk hebben met onzin en alle energie aan mijn mooie-dingen-maken besteden. Ga komend weekend maar eens naar Het Volkshuis en zie zelf wat ik bedoel. Deze jongen schiet nu zijn verf-kleding aan, pakt de rollers, potten, bussen en kwasten. Klaar om weer een mooie plek voor deze wereld te maken.

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

posted by Maternitus in Alchemyst,Gedachten,Schilderen and have No Comments