Bedelaars en mosterd

Posted by Maternitus on June 25, 2010

Enkele jaren geleden liepen Maestro en ik door een winkelstraat in het Gentse, gezellig keuvelend over alles wat met kunst en muziek te maken had. Zelfs onbewust ben ik iemand die gefixeerd is op patronen en regelmatigheid en plots maakte ik de opmerking dat de bedelaars in een zigzag-patroon om-en-om door de hele straat zaten in houdingen die leken op van die oude beelden uit de kerken. Mijn Maestro antwoordde dat het inderdaad poses waren en ik er vanuit kon gaan dat dit geheel georganiseerd en best een schande was.

De goede man had een halve wereld gezien, was vroeger koster en had daardoor een mensenkennis waar ik fier op zou zijn. Zo iemand geloof je en zulke momenten blijven ook bij, zeker bij het wandelen door de stad wordt er aan gedacht. Het is onvermijdelijk om het niet te zien en ondervinden, op de markten zie je de mensen met hun bekertjes zitten. In slagorde, om-en-om, maar niet in een zig-zag patroon. Daar lenen de smalle paden zich niet voor.

De vrouwen hebben allemaal hetzelfde bordje met maar één verschil: het aantal kinderen wat ze hebben. De mannen zitten altijd aan de uiteinden van de paden, de vrouwen op de kruispunten in het midden en aan de zijkanten. Eén ding behoort niet tot de patronen en dat is de man die deze mensen afgaat, het geld wat ze gekregen hebben moeten ze afgeven. En het viel op dat wanneer de hoeveelheid hem niet aanstond, hij behoorlijk fel en grof tegen ze tekeerging.

Nu snap ik het geheel plots veel beter, namelijk het feit dat deze mensen “in dienstverband” het winkelende publiek geld proberen af te troggelen middels manipulatie en “overkill” en dit dan afgeven aan iemand die nooit tevreden is. Wat is het verschil met de kramen en vooral winkels in de stad? Beide ondernemingsvormen lijken verdomd veel op elkaar en zijn dan ook, naar mijn mening, even legitiem.

Ik hoor heel vaak dat bedelen niet kan in een rijke maatschappij als de onze, maar is dat wel helemaal correct? De samenleving als de onze is hiërarchisch, waarbij vele kleintjes de groten voeden en voorzien van puissante rijkdommen. Iedereen brengt in, op wat voor manier dan ook, zodat deze behoorlijk onevenredige verhouding in stand blijft. De mensen die moeten bedelen voor hun geld, georganiseerd of niet, staan in principe op gelijke voet met al die kleintjes.

Wij zijn niet meer of minder dan hen, omdat hetzelfde principe op ons van toepassing is: middels onderwerping, mentale en fysieke ongemakken die het gevolg zijn incluis, proberen te overleven. En de mentaliteit van “de ophaler” is in principe hetzelfde, met dien ten verstande dat bij ons niet zo snel een aframmeling of scheldpartij volgt op een mindere prestatie. Daar hebben chantage en psychologische druk als wapentuig de voorkeur, al denk ik dat het bij onze bedelende medemensen er nog eens bijkomt, maar dat terzijde.

Zo beschouwd leven we eigenlijk maar in een samenleving van dreiging, angst, hebzucht, egoïsme, pijn, verdriet en haat. Flink negatief klinkt het, maar je weet maar al te goed dat we vaak het hoofd afwenden bij het benaderen van een kleine glimp ervan. Ontkennen we daarmee onze waarneming of ons eigen bestaan? Dat is een vraag die wel meer mensen zich stelden – het antwoord is gewoon beiden en maakt het inderdaad een schande.

Natuurlijk is het niet allemaal zo zwart als ik het heb beschreven, het voelt toch niet zo, maar leef eens een tijd buiten de maatschappij en bewonder mijn gelijk. Gooi er nog een berg ervaringen vanuit diverse eigen perspectieven, van arm tot gegoed, bij en je zult merken dat het niet is zoals we het liefst geloven. Dan is er hoop, iets wat we ook door geloven hebben gekregen, want het kost immers maar weinig energie om te denken dat het allemaal wel beter wordt dankzij niet bestaande of bewezen krachten.

Geld geven is niet de oplossing, zo doorbreken we niet hun armoede en zullen ze alleen maar meer onder dwang en dreiging moeten doen. De kans ontnemen om te vragen om geld, maakt hun leven meer miserabel en dat van ons niet achtenswaardig. Evenmin door de mensen te negeren, iets waar ik mezelf soms op betrap, valt hier iets aan te doen. Toch is het niet schrijnend of hopeloos.

Een kleine verandering in denken en vooral handelen kan niet alleen de mensen die niets of minder hebben helpen. Zo snel mensen echt weten dat ze gelijken zijn, is de drempel van schaamte verdwenen. Tel daar een flinke toename in mededogen bij op en we zijn op de goede weg. Boeddhisme in een notendop. Dat is overigens een levenswijze, geen religie, zodat het wel toepasbaar en dienend is, in tegenstelling tot al die onzin die toegejuicht wordt en niets meer omhelst dan een corrupte ideologie. Deze, niet mis te verstane, mening wekt misschien de indruk dat ik een atheïst ben, maar je mag rustig weten dat ik zelfs het atheïsme als religie beschouw en daarom verafschuw.

De mensen die bedelen zijn, net als iedereen, het slachtoffer van een maatschappij en cultuur die berusten op voortgang, niet vooruitgang. Maar wie ben ik? Geenszins een goeroe of meester in de wijsbegeerte, laat staan dat ik weet waar de mosterd vandaan komt (de koelkast?).

Maternitus.

25Jun

Bedankt voor die mooie bloemen…

Posted by Maternitus on June 3, 2010


Foto door Lieselot De Vylder

Hoe zuur ook, maar deze domeinnaam gaat per volgende week uit de lucht. Dat is heel erg rottig, gezien het aantal lezers en vaste bezoekers. Maar wees niet bevreesd, ik zal mij enige moeite getroosten om via de gratis kanalen een alternatief aan te bieden. Dat betekent ook, trouwens, dat mijn email-adres gaat veranderen. Ik weet bij god nog niet wat het gaat worden of via welke aanbieder, maar dat boeit me niet op dit ogenblik.

Het domein had ik al sinds 1998, wat in internet-jaren vrij lang is en overeenkomt met enkele tientallen jaren normale tijd. Het zit me wel en niet dwars, maar ik moet keuzes maken, hoe grof ook. En dan kies ik voor een offline leven. Ten eerste krijg ik via het internet amper opdrachten, eigenlijk geen, en gewoon zo van mond tot mond kan ik het haast niet bijbenen. Het geld wat daarmee verdiend wordt, om de bijdehandjes snel af te zijn, gaat terug in mijn kunst.

Ten tweede is internet geen kunst en zie ik het eerder als een zeer passieve vorm van vermaak wat steeds meer op een onaangename massa van onzin aan het lijken is. De weken voordat ik thuis van het web afging, viel me op hoe afhankelijk ik ervan was geworden en hoe onpersoonlijk alles op me overkwam. Het meest irritante van het hele spel is dat diezelfde afstand en koudheid, lees onverschilligheid, door me waargenomen werd bij steeds meer mensen die ik ontmoette.

Daar pas ik voor.

Natuurlijk is alles redelijk eenvoudig op te lossen, maar zoals gezegd dien ik keuzes te maken en dan kies ik voor hetgeen me na aan het hart ligt. Vanuit een paar hoeken kreeg ik wat gemor te horen, maar dat is mijn probleem niet. (Hint: als het niet bevalt, is sponsoring altijd welkom.) Vanuit veel meer andere hoeken, waaronder zelfs een media-specialist van de universiteit, kreeg ik bijval en vond men het zelfs een wijze beslissing om dit zo te houden. Het hoe en waarom mag duidelijk zijn: extreem veel tijd voor mooie dingen maken, een rustiger werktempo met schrijven, in enkele maanden tijd meer dates dan in de jaren ervoor bij elkaar, geen geraas in mijn hoofd en dientengevolge een meer betrouwbaar en solide (sociaal) leven.

Best tegenstrijdig met wat normaliter wordt aangenomen als gevolgen van het technische vernuft. Het computertijdperk heeft ons totaal geen gemak gegeven zoals werd beweerd bij de introductie ervan. Nog nooit zijn zoveel mensen bij een dokter geweest voor allerhande kwalen die stress en overmatige input van informatie als grondslag hebben. Natuurlijk heeft het de economie gestimuleerd op een gigantische wijze, maar wie heeft daar nu echt serieus van geprofiteerd?

Niemand uit mijn omgeving is er rijker van geworden. Tel ik daar de gegroeide geestelijke armoede bij op dan kom ik nog steeds niet bij een positief getal. Of toch iets wat hoopgevend moet zijn. Niks. Klein voorbeeld. Een makker van me liet laatst een filmpje zien wat hij “soort van grappig” vond en ik lachte niet. Geef mij maar een goede film van Monty Python of iets anders met een aardige dubbele bodem in de humor, daar kan ik weken op teren. Dat gaat niet met platvloersheid, denk je ook niet?

Een prachtig en vooral dom argument wat ik hoorde hierover was dat het bij onze beschaving hoort. Een beschaving is pas echt ontwikkeld wanneer het in zuivere harmonie met zijn omgeving, dus de natuur, leeft. En dat kan heel prima met technische hoogstandjes. Maar zolang er olie-platformen complete biotopen, die zeer cruciaal zijn voor het bestaan van veel dieren- en plantensoorten en dus ook voor ons, om zeep helpen, kan ik niet van beschaving spreken. Zeker niet wanneer ik de mensen erover hoor praten.

Iedereen vindt het behoorlijk erg en springt vervolgens weer in de auto of het vliegtuig om toch maar juist op tijd ergens te geraken. Zolang we zelf niets doen, wordt de strot van de mensheid en vooral van Moeder Natuur dichtgeknepen. Voor geld. Voor status. Voor macht.
De meest erge gedachte die ik had over wat ik zoal lees in de krant of hoor op de radio was dat gesodemieter in Israël. Ik dacht letterlijk:”Pleur een flinke atoombom op die klotenlijders van een Zionisten en er is wat meer ruimte en minder doelloos geweld.” Dat is geen goede of juiste gedachte, maar er is nog nooit zo’n lange herhaling geweest van een holocaust. Met ditmaal (al meer dan zestig jaar) een normaliter vreedzaam volk, de Palestijnen, wat het onderspit mag delven.

Iemand nog een diamantje?

Geef mij maar een echte vrijheid, waarbij onafhankelijk denken en voelen de boventoon voeren. Een levenswijze waarbij het goed toeven is in gezelschap van een familielid, vriend of vriendin. Wat zijn energie betrekt uit onschadelijke methodes, voedsel eet dat natuurlijk voor komt, communiceert op een persoonlijke wijze en boven dat alles voelt, liefheeft en streeft naar niet-materialistisch geluk. Zonder hippie te worden, want we (kunnen) zien aan al die narigheid om ons heen waar dat naartoe leidt.

Terug naar de positieve dingen, nadenken is voor hen die dat nog nooit hebben geprobeerd. Oeps. Dat gebeurt al. Positief nadenken dan? Morgen word ik uitgenodigd op audiëntie bij een nieuwe opdrachtgever en op de terugweg haal ik een berg canvassen op. Ja, zo gaat het tegenwoordig en het bevalt zo goed dat er nu een agenda gebruikt wordt. Niet om het overvol te boeken, maar om een juiste verhouding tussen plezier in vrije tijd en plezier in werktijd te behouden.

Er is een richting ingeslagen die op het eerste zicht onmogelijk is, maar gaandeweg beweegt het hier naar eentje die heilzaam lijkt. Ik zie het alleszins niet als een stap terug, integendeel, een andere weg inslaan is niet gelijk achteruitgang. Dat is wat afhankelijk van de optiek, uiteraard, en kan derhalve pas na onze beschaving gezien worden als dusdanig of als juiste beslissing. Het is geen zwemmen tegen de stroom in, laat me niet lachen, het wordt echt ervaren als een veel makkelijkere weg en doe ik geen verwoede pogingen om te worstelen en weer boven te komen.

Ik dobber rustig op de stroom mee en blijkbaar is dat een beekje met kristalhelder water.

Tot later offline. Of tot nooit.

Maternitus.

3Jun

Nog wat foto’s…

Posted by Maternitus on May 27, 2010


Bij het voorbereiden van een opdracht wil het wel eens voor komen dat jullie antiheld wat liefde nodig heeft. En het liefst van een engel. Soort van. Doktertje spelen maakt van die behoefte integraal deel uit.


Winkelpui van “Tops” in de Lange Muntstraat te Gent. Komend weekend wordt het geheel afgewerkt met een kader en de details in de tekening zelf. En de baas van de winkel is heel blij. Wat mij weer verheugd, natuurlijk. (Een foto reeks van de opbouw en de gebeurtenissen er rond volgt komende week)


“Eros” door JerOne op de Interbeton te Gent. Brute spot, zeer gave muren en één van de mooiste halls of fame van Gent. Kings and Invite Only!


“Eros” door JerOne, Characters door Siska. Frisse ontmoeting met iemand wiens blackbook de onze compleet om de oren slaat. Die dame kan echt heel sjiek tekenen. Respect!

27May

Cyclus en harmonie

Posted by Maternitus on May 27, 2010

Gedurende een maand of twee probeer ik een brochure te maken van mijn schilderijen. Heel erg leuk werk om te doen, mooi drukwerk is per slot sexy. Maar hetgeen er gebeurt is wat vreemd. In plaats van een beschrijving van elk werk te maken, begint er een soort van verhaal te ontstaan. Niet dat van een worsteling tegen de bierkaai of gevestigde orde, welnee, maar over het inslaan van een denkrichting. De groei of vooruitgang die ik waarneem lijkt eerder op een onderzoek dan op een reis langs vervlogen dromen.

De afbeeldingen vertegenwoordigen een bewustwording of bepaalde groei van kennis of inzicht. Vier jaar geleden begon dat doordat ik aan het begin van een introspectie stond, iets wat heel noodzakelijk was en waarvoor ik nog steeds dankbaar ben dat die kans is gegeven. Om een beter inzicht te bekomen van jezelf en alles om je heen, dient eerst alles opgeruimd te worden. Goed nadenken gaat niet met of in rommel.

Afijn. Dat onderzoek begon met een reis naar alle oer-onderdelen van de geest: uitersten in emoties zoals angst, verdriet, vreugde en euforie. Elk aspect werd geprikkeld, nee, getreiterd tot het in volle mate naar buiten kwam. Gelukkig bestaat er zoiets als materiaal en werd het schilderen met de luie donder. Het begon met de jacht van een bij naar nectar en de ruil die hij de bloem geeft door het verspreiden van stuifmeel. Begint niet alles met de bloempjes en de bijtjes?

Zo achteraf was dat een zeer intuïtief werk, ondanks het verhaal (net zo eruit gefloept als de vormen en kleuren) dat erachter zit. Tevens blijken de bloemen nu ook weer een aanduiding te zijn van een verandering, maar dat zal straks weer aan de orde komen. De symboliek lijkt me precies waarheen ik wil gaan met werken. Een verhaal of gedachte van harmonie. Een natuurlijke balans met de omgeving en bij het nemen wordt er iets teruggegeven. Zoals het altijd hoort, anders verdwijnt het evenwicht.

Het tweede werk was precies tegenovergesteld. Dat ging over het pure kwaad, disharmonie alom. Een Amerikaanse vlag met in het blauwe vlak geen sterren maar een dik en groot hakenkruis. Natuurlijk is de provocatie leuk en is er al veel om gelachen, vergeet niet dat het ergste kwaad wat we kennen en hebben gekend uit die twee symbolen voortvloeit of dat heeft gedaan. Het is niet mijn taak om te zedenpreken, laat staan een politieke kleur te geven aan de dingen die ik denk, maar we kunnen erover eens zijn dat het zo is.

Dat bedelde om een tegenhanger, een symbool van creatie, liefde, transformatie en algehele kennis. Het teken van een vrouw met daarop een halve maan, ook gekend als het algemene symbool voor alchemie. De oude mystiek en beschavingen die één waren met de natuur waren stuk voor stuk matriarchaal. De volgende paragraaf gaat mijn harem tot ongekende grootte uitbreiden.

Ik ben een fel voorstander van een samenleving waarbij de vrouw het voor het zeggen heeft. Hele stukken vreedzamer, minder destructief (tenzij het uitverkoop is, natuurlijk) en veel beter op het gevoel vertrouwend zou zoiets zijn. Natuurlijk blijven vrouwen mensen en zal er zeker wel eens iets enorm fout gaan, maar ik kan mij niet voorstellen dat het zo erg zal zijn zoals nu het geval is met het geïndustrialiseerde Westen.

Zo, kat in ‘t bakkie. Nu de heren nog even overtuigen. Moeder Aarde, Moeder Natuur, zonder maan geen leven mogelijk en kom op man, dat aanvoelen bespaart je veel pogingen tot nadenken.

:D

Vanaf daar ging het als een achtbaan: van het ene uiterste naar het andere, alsof er geen einde aan kwam. Van natuurkunde naar liefde, van haat naar de Gulden Snede. Alles wat maar geuit moest worden, was daar. Na een opruiming van heb-ik-jou-daar moest ik een begin vinden en alle essenties daarvan. Tijd, dimensie, beleving, waarneming, een heuse reset van de hersens was daar. Een wedergeboorte, maar minder bloederig of spectaculair. Een herstart heeft veel invloed op de vorming van het wereldbeeld en de houding ten opzichte van het bestaan, zowel eigen als dat van anderen.

Bij een dergelijke gebeurtenis is daar een mogelijkheid die je nooit bij de geboorte krijgt. Je kunt zelf vanaf het begin een weg bepalen plus een leven vol ervaring daarbij. Ik paste dat ook toe in de schilderijen en kwam er bij de reeks over de big-bang achter dat het onmogelijk was om uit niets een gans universum te krijgen, hoe mooi de theorieën en verhalen ook zijn. De Melkweg kan zo lang geleden met een explosie ontstaan zijn en daar houdt het dan ook bij op. Zelfs op die schaal is er geen begin of einde, maar alleen verandering.

Een wat verregaande gedachte is dan, bij mij toch, het idee dat een baby nooit zonder ervaring op de wereld komt. Niet perse een reïncarnatie, eerder een doorgifte van een oud en steeds uitgebreider wordend collectief geheugen of bewustzijn. Elk leven breidt het uit, ongelimiteerd. Elke ervaring is een les of kan dat zijn. Mijn versie van een zevende zintuig, maar net zo ontkend als het zesde. Dat is namelijk het instinctieve aanvoelen van gevaar en dergelijke, wat overigens wetenschappelijk is bewezen bij dieren en in mindere mate bij mensen. Evolutie gaat gelijk met de natuur ten onder?

Wat wij beschouwen als de grootste beschaving uit de gehele geschiedenis van de mensheid sinds men ontdekte hoe een vuurtje gestookt wordt, zie ik als een teloorgang en geen vooruitgang. De zoveelste poging om iets ervan te maken mislukt. Als het zo doorgaat toch.

De bloemen die nu door verf gevormd worden, betekenen voorlopig alleen maar iets in mijn herinneringen. Daar leg ik verbanden met geleerde lessen, zoek door de geest wat een logisch vervolg kan zijn op wat al gaande is. Niet de teloorgang, geen verdoemenis in mijn werk. Maestro gaf mij begin vorig jaar een opdracht: schilder muziek. Als voorbeeld, en les, moest ik luisteren naar de Negende Symfonie van Beethoven. De hint die hij gaf was te kijken naar het eerste blad van de geschreven muziek.

In eerste instantie nam ik het letterlijk en bedacht methodes om dit in vorm en kleur te laten zien. Veel uren puzzelen achter de computer gaf me geen echte resultaten, alleen vormen die op bloemen leken. Toen viel het muntstuk, maar ik verhuisde. Dat was een goede uitkomst, want op die manier kon er onbewust nagedacht worden daarover. Hert toepassen van oude symbolen in de graffiti waren aan het begin van het maken van de brochure, de bloemen het begin van een nieuwe reeks werken.

Niet perse met bloemen als onderwerp, maar wel harmonie, een belangrijk onderdeel van muziek. Bij die woorden kom ik telkens terug bij die oude man in zijn kas en de rustige liefdevolle blik naar die bloemen. En zo begint een nieuwe cyclus, zonder een echt einde of begin.

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

27May

Veel vragen voor een zot

Posted by Maternitus on May 18, 2010

Bedenk eens een wereld zonder kleur of vorm die vanuit een enkeling is ontstaan. Dat alles in massa voor een massa is gemaakt en dat alles wat een individueel experiment of eigen beleving is, strafbaar zou zijn. Dat zelfbeeld voor je gemaakt zou zijn en het idee van normaal opgelegd wordt door een select gezelschap. Deels hypothetisch, deels waar? En wat heeft een dergelijke schemerzone voor invloed op onze beleving van de wereld om ons heen? Welke invloeden oefent het uit op onze omgang met anderen en het niet te ontwijken oordeel over die anderen? Zou een dergelijke visuele programmering na verloop van tijd opvallen zonder spontaniteit als tegenhanger?

Niet bepaald de eerste gedachtegang die plaatsvindt wanneer een viltstift piepend en zoevende over het metaal van een tram schiet. Volgens mij is de nood aan een eigen identiteit, een zelfbevestiging groter naarmate de mate van zelfexpressie meer in banen wordt geleid en zelfs ingeperkt bij het zelf bepalen van de inhoud van dat alles.

Elke beschaving of maatschappij waarbij de geveinsde grandeur van enkelen tot uiting komt in grote, naar mijn idee onzinnige, monumenten kent dergelijke tegenhangers. Van de Maya’s en Egyptenaren tot aan de Aziatische en Anglo-Amerikaanse maatschappijen van tegenwoordig zijn uitingen van onderdrukten, hen die de enkelingen staande houden middels hun massa en (vaak onvrijwillige) opoffering van de eigen identiteit, zichtbaar.

In Pompeii en Egypte zijn uitingen van diverse pluimage terug te vinden, zowel voor als tegen de heersende klasse en uiteraard de artistieke uitingen waarbij de boodschap of verborgen is of niet aanwezig. Welke kunstzinnig is, kan beter in het midden gelaten worden, omdat een dergelijke titularis van een woord of tekening eerder persoonlijk te noemen valt dan algemeen geaccepteerd.

In ons huidig Anglo-Amerikaanse leefklimaat is een vreemd fenomeen aan de hand, vergeleken met soortgelijke heerschappijen. In plaats dat dergelijke uitingen tegen de gevestigde orde en massa alleen worden afgestraft en ontkend, wordt het opgenomen in het idioom en monddood gemaakt middels die massale productie waartegen het in eerste plaats bedoeld was.

Popularisering betekent dus niet zozeer dat een grote groep mensen iets aangenaam gaat/moet vinden, maar dat het voorzien wordt van massa die het ook uitvoert. Waardoor, wederom, een piramidesysteem ontstaat en enkelen de uitverkorenen worden van een grote groep volgelingen.

Waar vandaan komt die, bijna natuurlijke, drang toch die dit veroorzaakt? In tegenstelling tot een hang naar individualisme, lijkt een act van eigen meningsvorming als doelstelling te hebben om massa onder zich te vormen ten einde dat naar een exces te doen leiden onder de noemer van een eigen geest. Zeer doelbewust uitgevoerd en vaak onder leiding van mensen van de top van een andere piramide.

Misschien waren de bouwsels van de Egyptenaren, Maya’s, Thai en andere culturen van over de ganse wereld niet zozeer een verheerlijking van de, al dan niet overleden, heerser, maar een verbeelding van de opbouw van hun maatschappij. In Christelijke en Islamitische culturen zijn die vormen net zo goed terug te vinden in de taps toelopende torens en minaretten. De huidige wolkenkrabbers vormen tevens geen uitzondering.

Met een wat sarcastisch aangelegd karakter kan het behoorlijk lollig zijn, al dolend door de buurten van de stad, denkend aan oude beschavingen en kijkend naar (en actief deelnemend aan) graffiti. Het proberen vinden van een balans tussen wat “publiek” en wat individueel genoemd wordt als zijnde uitingen, is bijna onmogelijk door juist die vage terminologie. Misschien is het zelfs zo dat er geen “publieke” vorm van creativiteit bestaat en dat alleen waar individualisme, dus solitair en zonder aanhang, echte kunst te noemen valt.

Wat is het nut dan van het uiten middels die creativiteit? Een gratificatie van de eigen geest? Waar vandaan komt dan het streven om in een museum te hangen of lezingen te geven over die ideeën? Zou dat het logische gevolg zijn van die masturbatie van het hart? En bij goedvinden de verering van de massa? Of draagt het juist bij aan de veranderingen in die cultuur of samenleving?

Zijn die kleine stemmen, die gedachten die dolgraag buiten het kastje verblijven dan belangrijker als dat we aanvankelijk denken? Dan zijn boekjes met regeltjes of wetten welhaast overbodig, omdat die veranderingen in de diepste kern van ons bestaan tegenwerken, beperken of zelfs de kop indrukken. Dan is er niet zoiets als een universele of algemene regel, want dat is meestal een condensatie van de gedachten van enkelen.

Bij kleine gemeenschappen zie ik precies het tegenovergestelde gebeuren. Daar is het belang van de groep vaak reëler dan van het individu om te overleven en zijn continuering van traditie en cultuurgoed een belangrijk onderdeel daarvan. Binnen een kleine groep is ook niet nodig om op geheel en eigen wijze het bestaan van de eigen geest aan te kondigen. Die is immers bekend.

Is de verheerlijking van het individu een fenomeen wat vooral in grote groepen gebeurt? Kleine gemeenschappen hebben ook vaak een enkeling als leider, maar die zijn veelal gebonden aan religie. Individualisme is dus eigenlijk in elke samenleving een mythe en hoe vaker de uiting daarvan te zien is, des te groter begint de draagkracht van die massa te worden. Dan is het maar net de vraag hoe de top van dat ingebeelde bouwsel ermee omgaat.

Is in dat licht het gestreept en beschadigd zien van mijn mooie (en redelijk geliefde) werken eerder een compliment dan een belediging? Ben ik dan niet mijn doel compleet aan het missen? Of is het niet meer dan een bevestiging van bovenstaande gedachten?

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

18May

En het gaat maar door

Posted by Maternitus on May 12, 2010


“Mutant Dickhead” door JerOne, 2010, 12 Hours of Hiphop jam te Goes (Nederland)

Om iets te schrijven, is het redelijkerwijs noodzakelijk om een goed onderwerp te hebben. Voor iemand met een soort van hyperactief leven zou dat geen problemen opleveren. Maar. Geen ge-maar, Maternitus. Het spectrum om uit te kiezen is wat te groot en om dan alles tegelijk in een zinnig stuk tekst om te zetten, is iets teveel gevraagd. Anders stelt dat hyperactieve gelijk niets meer voor. Terwijl het juist me helemaal goed doet voelen.

Wat me even wat minder deed voelen, verkleint het scala aan onderwerpen met een flinke factor. Een dikke verkoudheid en wat werken vernield zien met racistische leuzen als “Terug naar Nederland voor jou” is het complete lijstje. De snot-bellen heb ik vast van een goede vriend gekregen, want de rust kon ik wel gebruiken. De leuzen zijn zeker niet van vrienden, want ik kan me niet herinneren dat ik ooit een vriendschappelijke of correcte omgangsvorm had met racisten.

Het valt me wel op dat het kliekje uit het graffiti-milieu komt. Dat is doorgaans een zeer vriendelijke en speelse groep mensen, die wat gezonde competitie niet uit de weg gaan. En dat dan doen middels het laten zien waartoe ze in staat zijn met creatieve uitersten. En geen bekrompen, kinderlijk en vooral leeghoofdig gedrag. Dan vraag ik me af of dat soort uitlatingen geen laatste krampen zijn van een nogmaals stervend lijk.

Trots zijn op je afkomst is helemaal niet verkeerd, mits je zelf ook voor een goede afkomst zorgt voor je eigen nageslacht. Of het nageslacht van je leeftijdgenoten. Dus geen gedrogeerde en verzopen kretologie of politiek van dubieuze klasse. Het behoeft geen intellectueel licht om zoiets te begrijpen. Toch?

Een veel leuker onderwerp, wat net zo min beschaving nodig heeft om te kunnen begrijpen, is mijn weekend in Goes op het festival “12 Hours of Hiphop”. Wat een toffe fuif was dat. Muziek, dans en kunst, samen, voor en door gelijkgezinden. Van al die zaken was er, wisselend van niveau, veel te zien, beleven en doen. Ikzelf deed mee aan de jam die de organisatie zeer goed in elkaar had gestoken. Toffe wand en een verzameling hoog gekwalificeerde kunstenaars.

Dat betekende een extra tandje bijzetten wat resulteerde in veel handen schudden, omhelzen, gekke dansjes en wat al niet meer dat serieuze graffiti kunstenaars doen om elkaar hun waardering en respect te laten blijken. Iets wat ik niet vaak zie in de contreien waar ik woon. Afijn. Dat is zout in de wonde. Niet braaf?

Het afsluitende optreden van Sugar Hill Gang torende hoog uit boven het voorprogramma. Dat was niet alleen omdat deze old-school rap groep professioneel was, maar ook omdat ze iets neerzetten wat me deed denken aan de oude feestjes in Het Beest in Goes. Stilzitten was onmogelijk, een nummer niet kennen evenmin. Als iets minder bekend was, kwam dat veelal door een generatieverschil. Dat loste deze groep zeer goed op door een sfeervolle reis te geven door de geschiedenis van de rap muziek. Niet geheel vertellend, maar vooral muzikaal.

Het totaal pakket was me gans op het lijf geschreven. Oude vrienden ontmoeten, met gelijkgestemden werken en dan een mooie wandeling langs een boulevard van nooit vergane dromen. Zelfs een paar gerealiseerde dromen passeerden.. De terugweg in de bus had geen boek of muziek nodig, met een twinkeling in de ogen en de gedachten bij de avond ervoor was die reis zo voorbij. En wat betreft het eten: het wordt tijd dat er hier een actiegroep komt om een Indonesisch en/of Surinaams restaurant te eisen.

Nu zien de dagen er even hetzelfde uit: ontwerpen voor opdrachten, een goede belettering maken voor, weer al, een dikke burner en natuurlijk het huishouden. Dat moet er zeker sjiek bijliggen, omdat er hooggewaardeerd bezoek komt. En die brandend hete piece? Die zal zeker niet in de Werregarenstraat gedaan worden. Zonde van de verf, tijd en vooral inspanning. Ik ben benieuwd hoelang ik zoiets ga volhouden.

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

PS
Vele manen geleden zag ik eens een sticker van Harley Davidson die een wijsheid bevatte. Dat wijze ga ik, soort van, toepassen…
“If you want to soar with eagles, stop wobbling with turkeys”

12May

Ritsje foto’s

Posted by Maternitus on May 3, 2010

Geen tijd. Nee, geen zin is meer correct om een ganse special te schrijven over de afgelopen weken. Hier volgen wat foto’s en enig commentaar:


Voor moederdag (project Volkshuis)


Zeemansgraf, project Volkshuis


Orchidee, voor mijn opa, project Volkshuis


Leeg raam van een prostituee, project Volkshuis


Lettering uit de losse hand, project Volkshuis


Iris en Yvan, project Volkshuis


Throw up, Gent


Buik van een dronkaard die ik mocht beschilderen


Jolly en JerOne, schetsfase


Detail opname na een dag werken…


Bijna klaar, Jolly (Spiderman) en JerOne (draak)


Mijn grootste fans bij elkaar…


Who’s your daddy?

Categories: Alchemyst, Schilderen
3May

Nestor en de zin van het bestaan

Posted by Maternitus on May 3, 2010

Het uitbrullen van lofgezangen voor om het even welk evenement is net zo tijdelijk als dat de herinnering eraan zal zijn. Nog wat na suizend in de oren neurie ik het laatste lied van de band die even tevoren de laatste noten speelde van een muzikant van generaties geleden. Melancholie zonder verdriet, toen waren tijden beter. Nu is het niet veel anders, zo zal blijken wanneer de grijze haren van de generatie na de mijne dit beamen middels gejuich en het knoeien van gerstenat.

Dat ouder worden de kenmerken van gebreken met zich meedraagt, mag de pret niet drukken en roept nogmaals om een vlaag van ontkenning door te dansen op manieren die zelfs de jeugd zal erkennen als acrobatisch. Nee, mijn beste, geen paaldansen deze keer, laat staan de bewegingen die doen vermoeden dat er een flink voltage door het lijf wordt gejaagd. Voetje naast voetje, het hoofd wat meedeinend op het ritme van de hippie-rock. Een uiterste is snel daar bij het verstrijken der jaren.

Numeriek noemen ze me middelbaar, het gezaag en de quasi-wijsheden worden gezien als dat van hen die nog op beren joegen. Ouder worden heeft zo zijn aardigheden, kan ik je vertellen, maar dat is een overbodigheid, een retoriek zoals ze dat alleen kennen in het land van mosselen en toeristen uit contreien die men vroeger liever niet wenste. Tijden veranderen, mensen niet. De huid verwordt immers tot een dusdanig rimpelige zak die het ook was bij de geboorte.

Al speurend tussen de woorden en wijsheden van andere oude zakken, kwam ik op het idee er maar iets over te schrijven. Niet als klaagzang over verstijfde spieren en geenszins als laatste poging de jonge maagden naar dit kasteel vol kleur en pietluttigheden te lokken. Welnee, terugkijken heeft alleen nut wanneer er niets meer vooruit te zien valt. En dan nog valt er te hopen op een extra jaartje of wat, aannemende dat het bijproduct van aaneengeregen neuronen een eeuwig bestaan is beschoren.

Opvallend aan het statistisch halverwege zijn, is het vergelijkend warenonderzoek dat constant plaatsvindt. Wanneer blijkt dat de numerieke waarde van een medemens die van mezelf niet ver ontloopt, volgt enerzijds een lach en anderzijds een bewust zwijgen. Het is niet netjes om te zeggen dat het proces van opdrogen voor jouw gunstiger uitvalt dan de verzameling uitgezakte kwabben naast je. Hoe ik het ook wend of keer, mij zal hetzelfde lot ten deel vallen. Is het niet middels zwaartekracht en opeenhoping van lichaamsvocht, dan zal het zich vast wel via een sluikse omweg van ziekenhuis bezoeken presenteren.

Het mooiste voordeel is het doorgeven van tradities, gewoonten en vooral kennis. Wat daarbij het meest in het oog springt, is de in de lucht wijzende vinger. Soms vermanend, soms waarschuwend, worden duistere tijden aangekondigd bij een nieuw idee of een perspectief dat niet het mijne is. De kunst van het doorgeven is dat die nieuwigheid gezien wordt als een prematuur gevolg van de lessen die nog komen. Eigen ervaring is nog altijd de beste leermeester.

Inderdaad, het vallen en opstaan dient door te gaan, tot de builen en schrammen niet meer te tellen zijn. Tot men al tanden spuwende, heus waar, inziet dat ook een les verder kan dragen dan het initieel bedoeld was. Waar houdt het op en waar begint het? De eeuwige vraag die dat zal blijven en toegepast wordt op elk fenomeen in dit aardse bestaan.

Wanneer dan een paar ogen vragen om een leidende hand, rest mij niets anders dan deze aan te reiken. Vol lof en overtuiging en hoop dat ze het beter doet dan jij en jouw voorgangers ooit deden. Ik zie het als een ouderschap wat vrijwillig en zonder hulp van de natuur gekozen wordt. Een zaligheid die niet veel mogen ervaren, zeker niet wanneer het om een roeping gaat die van binnen zit. Het aanleren van om het even wat is eenvoudig, het doorgeven van dat wat je zelf met moeite hebt verworven gaat soms tandenknarsend. Een dienblad vol lekkernijen en aantrekkelijkheden wordt leeggegeten alsof er de honger is van een totaal, en bewust, vergeten continent.

Trots als een oude aap met veren in zijn reet vertel ik het aan hen die het wel of niet willen horen. De vordering daar, de overgenomen wijsheid hier, elk detail is een glorieus moment. Maar wat vooral opvalt is de drift om zelf beter te presteren, immers, een meester dient dat ook te blijven. Goed voorbeeld doet goed volgen, de spreekwoorden en gezegden maken hun entree. Bij elke nieuwe grijsheid verschijnt er een andere taalkundige spitsvondigheid uit de kerkers van het voorbije. Samenvattingen die ze ook zo in elk woordenboek terug kan vinden, maar liever uit jouw mond hoort komen. Je rond spattende kwijl verwordt tot wijwater en het liefst met kubieke meters tegelijk opgeslurpt.

Gezonde gretigheid die vroeger de jouwe was, belaagt je vanuit hoeken die lang vergeten zijn. Hoe handig is een geheugen dan? Het komt van pas, maar de vaak opgezochte vergetelheid zorgt ervoor dat de herinneringen als avonturen klinken die menig held siert. Het geeft een idee van waarde en middels het theatrale is er zekerheid dat het wijze blijft hangen in die kluwen niet gesponnen en niet geweven grijze massa. Weer een leidraad gemaakt.

Daar zit precies de gewenste nut waarnaar we ons ganse bestaan naar op zoek zijn. Door een stuk van jezelf, onbaatzuchtig, te geven, zorg je ervoor dat die gift ooit op een dag aan een volgende geschonken wordt. De continue beweging van het bestaan uit zich niet middels een fysieke presentatie, maar door een alsmaar veranderende wijsheid. Aangepast aan de drager, weliswaar en steeds verder vervagend, maar toch.

Zou het een angst zijn om vergeten te worden? Of is het de liefde voor hetgeen doorgegeven wordt? Beiden en niet in gelijke mate. Hoe groter de angst, des te dover het oor. Alleen ware liefde wordt gehoord, in tegenstelling tot dat wat gevreesd wordt. Het is een passie met een drang naar eeuwigheid, de eenzaamheid verborgen onder een kleed van lachbuien en de onoverkomelijke traan.

Wat doorgegeven wordt is een gevoel, een beeld van bestaan, een visie of eigen interpretatie van iets wat toch nooit begrepen wordt. Een talent is de zelfbenoemde goddelijkheid, iets wat arrogant en zeer soepel afgedaan wordt als zijnde de normaalste zaak ter wereld. Geef mij dat verhevene maar: die arrogantie, hoe klein ook, mag er zijn mits ernaar gewerkt wordt.

Wat een oude man en een jonge vrouw dan delen, ontstijgt de liefde voor het vleselijke en laat alle prikkelingen van het aardse achter zich. Het heeft totaal niets van doen met dat wat wordt geacht als zijnde de normale gang der zaken. Wanneer een band als deze ontstaat, kun je het prima aanvoelen. Een oer-instinct, een drang om alles te geven met hetzelfde tempo dat het gevraagd wordt. Wijsheid is het niet. Het is puur de wil om te overleven. Te helpen. Iemand te zijn voor een ander.

Een betekenis voor het eigen bestaan?

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

3May

Hints, dates en sluikreclame

Posted by Maternitus on April 27, 2010

Wat ben ik blij dat ik vrienden heb. Ondanks het leuke werk waren afgelopen dagen, eigenlijk twee weken, behoorlijk aan de rottige kant. Na de Spaanse furie had ik de smaak te pakken en wilde eens zien of het fruit van eigen bodem ook zo goed te pruimen was. Neem een limoen, proef hem en doe de zure nasmaak maal “duust”. Dan is het fijn om je gal te kunnen spuwen.

Mijn zuster zal trots op me zijn, omdat ik zonder een naam te noemen, of enige godslastering te bezigen, te kennen geef dat deze lokale deernen toch niet die klasse hebben als wat ze zelf eisen van een man. En zeker niets te bieden hebben als tegenprestatie van hun wensenlijst. Die Spanjaarden lijken wel van een andere planeet te komen, bij wijze van spreken. Maar dat is ver weg en dient de horizon wat verbreed te worden op een andere manier.

Het is zo jammer dat hier geen Indonesische dames wonen. Die hebben pas klasse, zijn (en blijven) heel mooi, kunnen wel koken, hebben smaak voor kunst, zijn slim en vinden het absoluut niet erg dat je de afwas een uur later doet. Och, ze spreken en schrijven zelfs nog in goed Nederlands ook. Zo tussen neus en lippen door. Zonder moeite.

Wel, ik durf te zeggen dat ik dat ook kan, ben en heb. Mijn ijdelheid gaat alleen over het intellect. Wat op zijn beurt niet veel is en me bijna vrij van die hoofdzonde doet zijn. Oh ja, en ik ben natuurlijk niet Indonesisch en vrouw. Dat terzijde, stelletje wijsneuzen. Ik kom in de hemel op deze manier. Best vreemd dat je voor het zevende niveau zo hard meer moeite moet doen in deze barre tijden van crisis, wanorde en scheefgetrokken gelijkwaardigheid.

Ik weet waarom dat het glazen plafond bestaat. Dat is omdat de drempels veel te hoog opgeworpen worden. Zie het als terug pesten. Het hele model van onze samenleving verpakt in een steekspel tussen de twee seksen. En in het geval van deze jongeman nog internationaal ook. Zou zoiets ook betaald worden? Zo gauw amper geschoolde voetballers en zo dit doen (internationaal gaan), zijn ze rijk. Is er een drempel minder.

Maar goed, de vrienden. D’n Michel belde precies op het moment op dat ik dacht aan tragedies gelijk Romeo en Julia. Veelbelovende verhalen met het meest droevige einde wat de mensheid maar kan overkomen. Oké, iets minder overdreven.

Hij vroeg of ik zijn laatste werk wilde horen. Zeker te weten. Die jongen is de laatste tijd zeer goed bezig en een schoen van mij heeft daaraan bijgedragen. Net zoals ik gisteren, had hij een maand geleden een trap onder zijn gat nodig. Beetje motivatie, zeg maar. En het bleek hard genoeg te zijn geweest, want de muziek klonk echt heel beestig. Wanneer de single klaar is, wordt hij hier als eerste gelanceerd en kunnen jullie het zelf eens horen.

Enkele uren later besloten we te gaan wandelen en een koffie doen op een terras. Het leven kan immers niet alleen uit werken en serieus doen bestaan. Dat weten ze hier in Gent maar al te goed, zodoende was het niet moeilijk om het terras met de lekkerste chocochino van de stad te vinden. Het Spijker naast het Vleeschhuis voor hen onder jullie die hier wonen of plannen de regio nog eens aan te doen.

Natuurlijk gingen de gesprekken over beider amoureuze slagen en falen van de afgelopen periode. In deze tijd van het jaar gonst het in de stad en wordt “rokjesdag” gewoon lente genoemd. Niks anders dan zon de laatste maanden. Om een goed gesprek, noem het een dialoog (hint), te kunnen hebben, dien je de onderwerpen vanuit verschillende perspectieven te bekijken. Eerder kun je niet tot een goede conclusie komen.

Twee terrassen verder kregen we wat honger en weer diende het gemak zich aan. Thaise wok op vijf minuten lopen afstand en passend binnen ons, blijkbaar lage, budget. Mijn familie en ik komen daar al zo lang en vaak (is het niet, Hobbybob?), dat we bestek met eigen initialen krijgen, de rode loper uitgerold zien worden en het personeel huilend en schreeuwend aan onze broekspijpen hangt wanneer we voldaan weggaan. Nadat we glimlachend betaald hebben, uiteraard.

De werkwijze is niets bijzonders. Je komt binnen, neemt plaats, bestelt drinken en loopt naar een klein buffet vol verse groenten. Je schept dat op een bord, zoveel je wilt of dat er kan blijven liggen. En ze worden niet boos over “boven de één meter hoog” opgestapelde frisheid. Integendeel, het lijkt wel of ze het aanmoedigen. Je kiest er een saus, vlees, vis en/of vegetarisch alternatief bij en de kokkin, echt een lieve, roer-bakt het geheel tot een gezonde, lekkere maaltijd. In nog geen tien minuten wordt het eten aan de tafel geserveerd en dan snap je wat ik bedoel met goed kunnen koken.

Och, natuurlijk, de kokkin is een lieve voor een keer, omdat ze de enorme pijnen in mijn hart zag. Ik kreeg serieus veel vlees bij het maal en terecht. De gekrenkte ziel diende aangesterkt te worden.

Al terug lezend, krijg ik het idee dat het een verkapte reclame is voor Gent en omgeving. Dat is helemaal niet nodig. Heus. Weet heel de wereld dat het hier goed toeven is en er voor elk wat wils te zien, kopen, halen, beleven of vinden valt.

Zo. Weer vijf eurocent verdiend voor dat pak uit de etalage van die Armani winkel. Of een extreme make-over tot Griekse Adonis met twintig penissen, joekels van spierballen (maat meloenen?) en de hersencapaciteit van een flinke buslading Einsteins en Bohrs bij elkaar.

Of gewoon voor een volgende poging in het land van de liefde.

Tot later of tot ooit (in Gent, die mooie stad),

Maternitus.

PS
De foto’s van het project in Het Volkshuis volgen wanneer het ganse werk af is. Het brengt blijkbaar ongeluk om er al mee te patsen bij de dames waarmee je uitgaat tijdens de schets-fase. En daarom vertroetelen Iris en Yvan mij een beetje met lekker eten en enorm veel plezier. Nog een goede dag met zon en dan is het af. Bijgewerkt, strak getrokken, klaar voor een zomer vol muziek, dans en wilde exotische feesten. Gewoon even chillen? Er zijn tafels voor twee.
:-D

27Apr

Ruimte in de bol

Posted by Maternitus on April 20, 2010


Foto door Pieter Malfliet

Het niet hebben van internet heeft voordelen en nadelen tegelijk, waarbij het grootste voordeel tijdswinst is en het grootste nadeel de onmogelijkheid om te kunnen communiceren. Wat is er belangrijker? Tijd is belangrijk om te kunnen besteden aan schilderen en schrijven, zonder meer, maar het valt me ook op dat het sociale leven weer realistische vormen aanneemt. Zo vaak ik nu buiten kom, iemand opzoek of simpelweg een praatje maak met de winkelier op de hoek, dat was een maand geleden niet.

Maar het directe contact wat je kunt hebben met mensen die ver weg wonen, dat is er bijna niet meer. Zeer spijtig, gezien het feit dat mijn familie in het buitenland woont en veel van mijn vrienden ook. Nu was ik toch al een zeer slechte met het onderhouden middels alle mogelijkheden van het web, maar er is vrij vakkundig een grotere rem op geplaatst. En toch voelt het niet vreemd of raar, zelfs niet om me voor te schamen. Alsof ik dat toch al deed.

Het is een keuze die gemaakt is en een duidelijke boodschap dat niet alles tegelijk kan. Een keuze tussen schilderen of de hele dag naar de inbox turen, tussen lekker op een terras oude verhalen ophalen of half afgemaakte zinnen terug vertalen naar Nederlands. Ruimte versus engte. Doel van geld is ook een reden. Internet zie ik niet als investering, verf en canvas wel.

“Het is toch wel heel handig om je werken te verkopen.” Dat is waar, maar ik heb liever dat mensen het beoogde werk eens komen bekijken, de verhalen erachter horen en een poging tot onderhandelen doen, in plaats van “oh, da’s leuk, kopen”. Dat kunst bestaat uit impulsen en een niet geordende manier van werken heeft, hoeft niet in te houden dat het aanschaffen ervan ook zo moet gebeuren.


JerOne, Haida Masker, Brugge (Entrepot)

Een schilderij is net als een tatoeage. Ondanks dat het makkelijker weg te doen is, blijft het iets wat je koopt, omdat je hart zegt dat het moet. Kunst is decorum, maar zonder een band met het werk, valt het magische weg en is het niet meer dan wat duurder behang. Het is bekend van mij dat ik zulke klanten liever niet heb.

Vandaag begin ik aan een gewaagd project. Het Volkshuis gaat een nieuwe terras-muur krijgen van me (ja, ik betaal alle materiaal zelf) en het thema is “Old School Tattoo”. Helemaal in de stijl van de oude tatoeages wordt de muur voorzien van zeilboten, zwaluwen, bloemen, vaantjes met kalligrafie, een lekkere pin-up en meer fraaie (lichaams-)decoraties die doen denken aan vervlogen tijden. En lekker kitsch.

Het gewaagde zit hem in het feit dat er veel mensen komen daar en de meesten weten veel van kunst, maken het of zijn liefhebbers. Een meer kritisch publiek is haast niet mogelijk en dat vraagt om een tandje bij. Plus een schepje er bovenop. Dat laatste is meer voor het stoer zijn, want, zoals je begrijpt, jullie held zijn pauwenveren belangrijk voor hem. Een beetje ijdelheid?

Op het moment van schrijven zit ik er weer niet bij met het hoofd. Afgelopen nacht sliep ik hartstikke rot en lag me helemaal suf te piekeren. Ik heb geen problemen (al zou een vet budget voor verf wel fijn zijn). In tegendeel, veel gaat van een leien dakje en het lijkt erop dat de lente me een handje helpt hierbij. De focus is wat verhuisd, maar het doel is er niet minder om geworden. Verhulde woorden, een kleine hint voor een goed verstaander.


JerOne met Phase, Justitie gebouw, Gent

Tegen woensdagavond of donderdagmiddag is in ieder geval het werk helemaal af. En dan ga ik tijd nemen voor de canvassen. Zelf bepalen wat er gebeurt en vooral wanneer is een zeer fijn gegeven. Ok, het geeft geen gouden bergen, maar wat heb ik aan goud wanneer ik vrijheid heb? Naast het spelen met verf en chemie, wil ik de symboliek van oude natuurvolken gaan gebruiken als uitgangspunt. Men loopt teveel met Moeder Natuur te fokken en dat is me goed beu.

Schilderen met een boodschap is natuurlijk niet nieuw. Volgens mij begon het als eerste om die berichten, enkele tienduizenden jaren geleden. En, naar mijn mening, werkt een symboliek stukken beter dan pagina’s vol woorden en zinnen. Klein balletje wat ik nu opgooi: de mensheid is weer aan het afzakken naar de vroege middeleeuwen, toen niemand kon lezen en plaatjes nodig had om iets te leren of begrijpen.

Afijn.

Ik ga het lekker niet druk hebben met onzin en alle energie aan mijn mooie-dingen-maken besteden. Ga komend weekend maar eens naar Het Volkshuis en zie zelf wat ik bedoel. Deze jongen schiet nu zijn verf-kleding aan, pakt de rollers, potten, bussen en kwasten. Klaar om weer een mooie plek voor deze wereld te maken.

Tot later of tot ooit,

Maternitus.

20Apr