
Er zijn wat dingen in dit leven die me mateloos fascineren, maar die ik nooit ten volle zal begrijpen omdat ik niet slim genoeg ben daarvoor. Theoretische natuurkunde is er een van, maar hoe meer ik erover lees, des te meer begin ik een globaal idee te krijgen over de werking ervan. Nu ben ik niet vies van wiskunde, maar wanneer ik de uitgewerkte formules zie van thermodynamica, kwantumfysica en meer van dat soort fraaie zaken, dan loop ik gillend door de kamer. Verfpotten vliegen door de lucht, canvassen worden in brand gestoken en de laptop blijkt, net als de verfpotten, ook te kunnen opstijgen (maar dat kan ook Linux zijn
).
In de tijd dat ik nog op Evergem woonde en een deel van mijn tijd in de kliniek, ben ik heel driftig bezig geweest met het definiëren van tijd, een fenomeen wat onnauwkeurig is en niet veel meer dan de aanname van constantheid. Iedereen die een beetje nadenkt, zal beseffen dat tijd niet een dimensie is, maar de illusie ervan. Net zoals de beleving van tijd geheel verschillend is van moment tot moment, is dit al sinds het ontstaan van het heelal een variabele geweest, zowel in vertraging als versnelling. Omdat ik een mathematische nitwit ben, zal dit waarschijnlijk afgedaan worden als een belachelijk idee en terecht. In de wereld van wetenschappen dient alles met cijfers aangetoond te worden, anders bestaat het niet (naar een uitspraak van Lord Kelvin).
Nu kom ik met een geheel nieuw idee, niet over tijd, maar over een idee van Stephen Hawking, de zogenaamde Hawking paradox. Daarin stelt hij dat in een zwart gat alles verloren gaat, zelfs de informatie over de deeltjes die erin verdwijnen. Tot aan het maken van bijgevoegde documentaire was dit, uiteraard, een enorm debat in de wetenschappelijke wereld. De heersende logica is nu eenmaal “actie=reactie” en in welke vorm ook, alles blijft bestaan. Na dertig jaar kwam Hawking met een aangepast concept, namelijk dat de informatie niet verloren gaat, maar waarheen en hoe, kon hij niet stellen. Er was ook geen wiskundig bewijs ervoor, maar waarschijnlijk zal daar wel heel hard aan gewerkt worden.
Nu komt mijn idee, maar eerst zal ik iets laten zien wat het onderbouwt:

Zoals je ziet staan er nogal wat eenheden in en ze verschillen behoorlijk van aard en/of hetgeen ze beschrijven. Maar wat vooral belangrijk is, is dat er in de documentaire iets fundamenteels over het hoofd wordt gezien, al wordt het summier op het einde aangehaald. De entropie (S) uit bovenstaande formule komt uit de thermodynamica en beschrijft, grofweg, actie=reactie en het behoud van deeltjes. Aan de andere kant zie je vooral beschrijvingen van krachten, constanten en fenomenen, die, naar mijn idee, de belangrijkste zijn om het evenwicht te behouden.
In de kwantumfysica kent men de beschrijving van het idee “superpositie”, wat inhoudt dat elk deeltje of object op elk gegeven tijd op elk gegeven plaats aanwezig kan zijn. Dit is aangetoond door middel van een proef met fotonen, waarbij men afbeeldingen heeft gemaakt waarbij één foton op twee plaatsen aanwezig was. Helaas heb ik geen scanner momenteel, maar er staan hier twee boeken waar die afbeeldingen instaan. En nee, het is geen Photoshop-grapje.
Nu komt mijn idee. Wanneer informatie (deeltjes, objecten) in een zwart gat terechtkomen, verandert hun superpositie en zijn ze dus niet meer waarneembaar voor ons. Je zou kunnen stellen dat ze tot ionen uiteen getrokken zijn, maar je kunt ook stellen dat ze in één van Hawking’s andere universa terecht zijn gekomen. Dus bestaat alles nog, maar niet voor ons meer waarneembaar en wel voor andere “waarnemers” in een ander universum. Of, zoals je misschien nog minder graag leest: een andere dimensie, maar ik hou me liever aan de omschrijvingen van Hawking. Dat is accurater.
Een stapje verder wil ik nog gaan door te beredeneren dat het idee van de Big Bang in ons universum zo ontstaan is. Doordat Hawking ervan uitgaat dat de Big Bang vanuit één singulariteit is begonnen, zou je kunnen stellen dat wij de waarnemers zijn van de andere kant van een zwart gat van een ander universum. Ofwel, toen de Big Bang plaatsvond, kakte een zwart gat uit een ander universum al zijn opgeslokte deeltjes uit in dat van ons. En dan durf ik nog een stapje verder te gaan: dat gebeurt regelmatig, maar niet altijd even groot. En andersom. En zo zou een dergelijke theorie als die van Hawking waar kunnen zijn, maar het concept over het ontstaan van het heelal ondermijnen, alsmede het religieuze aspect van het geheel: dat er een echt begin is en een echt eind.
Het terugkrabbelen van Hawking is ergens wel logisch, want er zit geen logica in het niet meer bestaan van deeltjes door een fenomeen. Ik durf te wedden dat hijzelf dat ook inziet, maar ik vraag me af of ik het goed begrepen heb…
Een beetje uitleg over de aanloop naar mijn ideeën:
The Hawking Paradox
Tot later of tot ooit,
Maternitus.
PS Geef je idee eens hierover, want wat ik hier probeer te stellen is namelijk een omschrijving van eeuwigheid en dat er niet zoiets is als “het einde der tijden”, laat staan het idee van een “schepping”. Het strookt derhalve wel beter met de huidige kennis van de natuurkunde, maar (zoals gezegd) ondermijnt het hele religieuze aspect van ons bestaan (wat sowieso, naar mijn idee, een aanfluiting is).
PS-PS Dit kon ik echt niet laten:
“The laughter of fools has always been the reward of any man who comes up with a new thought.” — Stephen Lister